DRIVR

La Ronde Infernale: Le Mans 1969

“Speed isn’t everything”. Het begint stilaan een cliché te worden, maar in de racerij, en dan vooral die van het uithoudingssoort, klopt de slogan als een bus. Peugeot mocht het vorige maand opnieuw aan den lijve ondervinden toen de supersnelle 908 HDi-prototypes in Le Mans weer eens geklopt werden door Audi’s betrouwbare R10 TDI. Het is zeker geen unicum in de roemrijke geschiedenis van het Circuit de la Sarthe.

Denken we bijvoorbeeld terug aan de zo vaak bezongen summer of ’69, toen onze landgenoot Jacky Ickx in een inferieure Ford GT40 de beproefde 908’s en de gloednieuwe 917’s uit de Porschestal op een hoopje reed en zo de eerste van zes Le Mans-overwinningen op zijn palmares mocht schrijven. Maar het is vooral de manier waarop hij die krachttoer neerzette die hem legendarisch maakte. De Britten draaiden er zelfs een kortfilm over, toepasselijk getiteld ‘La Ronde Infernale’. Kijk en geniet…

Porsche startte als grote favoriet, gezien zij het World Sportscar Championship waarvan de 24 Uren toen deel uitmaakten reeds op zak hadden wegens winst in de vijf voorgaande races. Ook de agiele Ferrari- en Matra-machines maakten een serieuze kans. Tegenover al dat prototypegeweld werden Fords GT40’s – toen nochtans al drie jaar lang ongeklopt in Le Mans – als underdog beschouwd wegens te zwaarlijvig. Zelfs al kregen Ickx en Oliver de GT40 met het serienummer 1075, die het jaar ervoor als eerste langs de geblokte vlag was gebromd, onder de kont.

Ickx maakte het zichzelf ook niet bepaald gemakkelijk. Hij weigerde mee te doen aan de toen traditionele Le Mans-start, waarbij alle piloten bij het startschot als een gek naar hun bolides renden om zo snel mogelijk in te stappen en weg te wezen. Te gevaarlijk, vond de man, en hij zou al snel gelijk krijgen. Niet lang nadat Ickx op zijn dooie gemakje in zijn Ford was gekropen en – na zich grondig vastgegespt te hebben – als laatste de baan opreed, verruilde Porsche-rijder John Woolfe het tijdelijke voor het eeuwige na een crash in de eerste ronde. Doodsoorzaak? Het niet dragen van de veiligheidsgordel wegens te haastig bij de start. Het zou meteen de allerlaatste lopende start zijn in Le Mans.

Terwijl Ickx aan een inhaalrace begon in de snelste verkeersopstopping ter wereld, stelden de Porsches plaatsen een tot en met vier veilig, gevolgd door de Matra’s en de Ferrari’s. Knap stuurwerk en nogal wat mechanische problemen bij de concurrentie bezorgden de Belg en zijn Britse collega Jackie Oliver een plaats in de top tien voor de nacht viel.

Maar het venijn zit zoals altijd in de staart. Na een vroege crash van een 908 vielen naar het einde van de race ook Porsches twee 917’s uit met een defecte koppeling. Het was nu aan Hans Herrmann in de enige overgebleven 908 om een intussen tot op één ronde opgerukte Ickx af te houden. De laatste uren werden een regelrechte marteling voor de zenuwen. Op de rechte lijnen kon de Ford het niet halen van het Porsche-prototype, maar wegens remproblemen bij de Duitser wist Ickx zijn rivaal telkens weer in te halen in de bochten net voor de finish.

Dat kat-en-muisspelletje duurde voort tot in de laatste ronde, waarin Ickx toonde niet alleen over bakken rijtalent te beschikken, maar ook over een koel hoofd. Als hij Herrmann voorbijstak vóór het laatste rechte stuk, dan wist hij dat de Porsche hem op topsnelheid zou kloppen. Daarom was hij geduldig en liet hij de Duitser als eerste de rechte lijn op gaan, zodat hij in de slipstream dicht genoeg kon blijven om in de allerlaatste chicane de beslissende move te maken. Neus in de wind zetten, uitremmen, defensieve rijpositie innemen en wegaccelereren naar de felst bevochten overwinning in de geschiedenis van Le Mans. Vierentwintig uren, 372 ronden en bijna 5000 kilometer nadat hij uit protest als laatste gestart was, won Ickx met slechts enkele seconden voorsprong. Amper 120 meter scheelde het, kleiner is het verschil sindsdien nooit meer geweest…

Share Button

Leave a Reply