DRIVR

Gastbijdrage: Gammatest – Quo Vadis, Saab?

OPGELET: Aan deze gastbijdrage hangt een disclaimer vast!

Het is de jongste tijd niet al te zonnig in de wereld van Saab. Moederhuis General Motors vroeg in Zweden 405 miljoen euro om Saab drijvende te houden tot 2010. De Zweedse overheid hield de boot af. Op 20 februari 2009 vroeg Saab een gerechtelijk akkoord aan, wat het bedrijf moet toelaten om te herstructureren en als onafhankelijke autobouwer op zoek te gaan naar een koper. Intussen is Magna genoemd als mogelijke overnemer voor de Europese merken van General Motors. Ook dan zal nog wel een hoop overheidsgeld moeten worden gevonden om deze trein op de rails te krijgen.

sedanmw8t0745b

Lichtjes aangedaan door zoveel treurnis, stappen we met een extra portie sympathie in de Saab 9-3 2.0t Biopower. We hebben in een lang vervlogen verleden nog in Zweden gewoond, dus zijn we sowieso al niet erg objectief. Saab is een Zweeds icoon, net zoals Ikea. En laat Saab nu ook één van die weinige automerken zijn met een leuke persoonlijkheid. In ons collectieve geheugen zijn Saabs… “anders”. Ze zien er een beetje vreemd uit, als stevige strijkijzers uit grootmoeders tijd. Holt een verwarde eland in je flank, dan zit er nauwelijks een deukje in de loodzware portieren. Zo’n ontmoeting is niet eens denkbeeldig, want Saabs horen rond te glijden in een camouflagejasje dat even groen is als bruin. Of grijs. In de cabine word je verwelkomd door lichtbruine fluwelen zetels, grote platen hard plastic en een intense geur van patchoelie. De creatieve bourgeois-bohémien met zijn Saab is net dat tikje interessanter dan de bankier in zijn Fritzmobiel, en heeft beslist meer smaak. Maar hij is grootmoedig genoeg om de medemens z’n gebreken te vergeven. Hij laat Marianne Faithfull uit de luidsprekers schallen en zet koers naar een horizon, afgezoomd met diepgroene dennenbomen.

mw8t0710

De Amerikanen in het bijzonder konden maar niet genoeg krijgen van die Scandinavische blend van vrijgevochten betrouwbaarheid. In 2000 viel Saab dan ook de eer te beurt te worden overgenomen door de grootste autobouwer ter wereld, General Motors. Maar misschien was dat wel een twijfelachtige eer. Het Saab-verhaal moest nu worden ingepast in de strategie van GM. De grote lijnen werden niet langer in Zweden uitgezet maar (in het beste geval) in de Europese strategische raad van bestuur. Onderzoek en ontwikkeling en design werden grotendeels overgeheveld naar Rüsselsheim in Duitsland. De Saab badge werd op een Subaru Impreza gekleefd en op een Chevrolet Trailblazer aka Oldsmobile Bravada. Daarnaast liepen een heleboel projecten vertraging op, zoals de opvolger voor de 9-5, de 9-3X en de 9-4X (oftewel Cadillac SRX). Dit gebeurde niet zelden om voorrang te geven aan andere merken uit de GM stal. Saab-fans reageerden dan ook een beetje ontstemd toen GM vice-president Bob Lutz in Detroit stelde: “Frankly, [Saab has] been on GM life support.”

hatch_mg_8693

Als een automerk de huidige crisis wil overleven, moet het een unique selling proposition hebben. “Voor mij moet het een Saab zijn want…” Als dat zinnetje niet moeiteloos kan worden aangevuld door voldoende automobilisten, ziet het er niet goed uit voor onze vrienden uit Trollhättan. Dient het gezegd dat looks heel belangrijk zijn? Als was het gisteren herinneren we ons nog de bittere teleurstelling toen we de nieuwe 9-3 zagen. Dat is ondertussen ook weer zes jaar geleden. Waar was het hatchback-design gebleven? Waarom zag de nieuweling er uit als een Mazda-kloon? In 2008 kreeg de 9-3 dan een nose-job die de 9-3 er wel jonger maar ook een tikje vulgair doet uitzien. De “frosted” achterlichten helpen ook al niet. Saabs moeten er apart uitzien, maar liefst niet door dit soort trucjes.

_mg_8766

Maar imago is meer dan looks alleen. Zoals gezegd hebben wij plaatsgenomen in een Saab Biopower. Dat weten we omdat er “Biopower” op het verguisde kofferdeksel staat geschreven. Tegen “power” hebben we nooit echt bezwaar gemaakt. En “Bio” geeft ons meteen 10 punten extra op het scorebord van de morele superioriteit. Kijk, ik rij Bio: ik heb een sterk ethisch normbesef en red onze planeet. Ja, daarmee is de feelgoodfactor weer helemaal terug. Wie zijn ecologische voetafdruk wil verkleinen, kan natuurlijk proberen om de auto helemaal aan de kant te laten staan. Maar ook de bakfietsmedemens kan nog een ware CO2-ravage aanrichten. Ook al staakt hij de voortplanting, wordt hij eigen-tuin-vegetariër, en gaat de reis naar De Panne in plaats van naar Pattaya, elke dag maakt hij de wereld een klein beetje meer kapot.

sedan_mg_5454

Nee, dan lijkt de 2.0t Biopower toch een leukere manier om een steentje bij te dragen tot de redding van de planeet. Laat ons er maar meteen bijvertellen dat die Biopower géén diesel is. De viercylinder loopt zowel op gewone benzine als op E85. E85 bestaat voor 85 procent uit bio-ethanol en voor 15 procent uit benzine. Net zoals bij benzine komt ook bij de verbranding van bio-ethanol koolstofdioxide vrij. Maar het leuke is dat de gewassen waarvan de ethanol wordt gemaakt in hun groeiproces ook eerst koolstofdioxide hebben opgenomen. Dat zou dus in theorie een nuloperatie kunnen opleveren. Overtuigd? Dan moet u nog weten dat deze biogepowerde motor zuiniger én sneller is wanneer hij op E85 loopt! Bedenk nu nog maar één reden om geen E85 te tanken. Wel, dat E85 in België niet verkocht wordt, is natuurlijk een beetje vervelend. Als Vlaanderen in 2010 de verkeersbelasting hervormt en de ecoscore van een wagen de belastingaanslag gaat bepalen, zou je met een Biopower weinig voordeel doen. Als deze wagen in België wordt gehomologeerd op benzine, dan valt je ecoscore namelijk magertjes uit. (Doe gerust even de test op http://www.milieuvriendelijkvoertuig.be.) In Zweden is E85 wel een groot succes. Dat heeft alles te maken met miljoenen overheidssteun door accijnsvrijstellingen. De doelstelling is ook dat ethanol er grotendeels zou worden geproduceerd op basis van binnenlandse grondstoffen, met name hout en graan. Dat ligt in België wel even anders. Het heeft trouwens weinig zin om ethanol uit Brazilië te importeren, als het transport daarvan ook weer CO2-uitstoot oplevert, en niet eens zeker is of die ethanol op milieuvriendelijke wijze werd geproduceerd. Van Vadertje Staat hoeven we alvast niet veel initiatieven te verwachten. In Frankrijk beweegt er wel wat. Daar bouwen Renault, Peugeot en Citroën flexifuel voertuigen. Ook Volvo en Ford bouwen “bio”.

hatch_mg_9344

Terug naar Saab. Deze 2.0t Biopower treuzelt een beetje om uit de startblokken te komen, en is niet in zijn sas in stadsverkeer of de file. Dit lijkt nog de meest Zweedse karaktertrek van deze Saab te zijn. Zweden hebben het niet zo begrepen op verkeer. Een vriendin uit Zweden was maar pas naar Gent verhuisd en had het gewaagd tijdens de spits naar Antwerpen te rijden. Ze is nu nog in therapie. In Zweden zagen we ooit drie auto’s aanschuiven aan een verkeerslicht. Dit werd haast onmiddellijk over de TMC gestuurd en bestempeld als ernstig verkeersprobleem. De Zweedse rijopleiding focust vooral op eland-awareness tijdens lange ritten over verlaten wegen. En inderdaad, onze Aero lijkt toch eerder bedoeld voor het betere cruisewerk. De hernemingen aan hogere snelheden zijn indrukwekkend. Hier speelt de turbo een thuismatch. Die dekselse elanden zal je ook netjes kunnen ontwijken, want het weggedrag van deze Aero is best voorspelbaar. Zuinig kan je hem echter niet noemen, en laat dat nu net een belangrijke kwaliteit van een cruiser zijn. Met E85 in de tank zou de Biopower wel een stuk beter presteren, maar dat spul hebben we dus niet gevonden, en geloof me als ik zeg dat we gezocht hebben, tot in Denemarken toe. Een unique selling proposition hebben we bij deze Saab niet kunnen ontdekken, maar die vinden we misschien binnen enkele weken bij de vierwielaangedreven 9-3X, die in maart op het autosalon van Genève werd voorgesteld.

hatch_mg_9145

Als voorsmaakje maakten we een ritje met de 9-3 XWD, die u vandaag al kan oppikken bij de dealer. XWD is Saabspeak voor vierwielaandrijving en laat zich samenvatten in drie woorden: grip, grip en grip. We reden rond met een volstrekt normale 2.0t maar hadden liever nog de V6 onder de motorkop teruggevonden. De XWD rijdt zo lekker dat de zwaarste motorisatie de enige juiste keuze is. Verantwoordelijk voor al dit moois is Haldex, het bedrijf dat ook systemen ontwikkelt voor Land Rover. Bij normaal cruisen worden de voorwielen aangedreven, bij het bochtenwerk doen de achterwielen mee. De overige technische details zijn niet bijzonder interessant, met de XWD door bochten sprinten is dat des te meer. Je moet toch altijd net iets sneller de bocht ingaan dan je brein verstandig acht, anders ga je zo ondramatisch de bocht door dat je de Saab misprijzend hoort zuchten. Bij nader inzien bleek dit geluid afkomstig van het Haldex-systeem, dat toch vrij luidruchtig zijn werk doet. Anderzijds is dat ook prettig. Hoe sneller je door de bochten scheurt, hoe luider het systeem, zodat je netjes kan voorspellen wanneer de banden grip zullen verliezen. Het mag gezegd dat het stuur dit punt trouwens ook vrij behoorlijk aangeeft, al kan het beslist allemaal nog wat scherper. Als de banden finaal grip verliezen, volgt geruststellend onderstuur, en krijg je ruimschoots de tijd om terug als een normaal mens te gaan rijden. Natuurlijk betaal je voor XWD een prijs, maar het geweldige is dat je twee auto’s krijgt voor de prijs van één (dure). Onder de 3000 toeren laat deze ruime supermarktkar zich gezapig rondrijden met een stel ‘kids’ op de achterbank, zonder enig risico op apocalyptische taferelen. Maar eens de kinderen aan de schoolpoort zijn afgezet, en je de zone 30 bent uitgereden (dat spreekt), is het uitkijken naar de eerstvolgende bocht. Als het kan, eentje met een laagje rijm of ijzel.

cab_mg_8146

Tijd om de hartslag terug omlaag te brengen. Daarvoor konden we rekenen op het icoon der iconen, de Saab cabrio. Eens een bereidwillige deerne geïdentificeerd om naast ons plaats te nemen – hartslag weer de hoogte in – konden we ook bij daglicht rondtoeren met deze décapotable. Een cabrio is zowat de meest zichtbare wijze om jezelf voort te verplaatsen, en op ons eentje worden we er niet graag in gezien. Om het allemaal nog wat minder discreet te maken, was ons testexemplaar dan nog een wit jasje aangemeten. Niet bepaald een aanrader. Niet alleen is wit très 2006. Zoals de dames weten, doen lichte kleuren je ook voller lijken, en dat geldt ook voor de al vrij volumineuze bips van de 9-3 cabrio.

cab_mg_8105

Maar om eerlijk te zijn doet het er weinig toe dat deze cabrio geen looker is. Met de kap naar beneden is het meteen vakantie. Wij reden ermee rond op zo’n dag waar het weer zijn typisch Belgische bipolaire zelf is, en twijfelt tussen somber november en schril april. En toch. Je kan je niet inbeelden ooit nog terug in een gesloten stalen kooitje te kruipen en daar op je gemak te zijn. Je hoort de vogels, ruikt de beer. Je hoort helaas ook hier en daar een paneeltje kraken, en ruikt de opgebrande onderbemeten remmen. En toch. Wat maakt het uit dat deze auto geen technisch meesterwerk is, als je steeds met een brede glimlach op de lippen, c.q. dwaze grijns, de ene laan afcruiset om de volgende boulevard op te flaneren. Het lijkt ons dan ook volstrekt onmogelijk om in deze auto een slechte luim vol te houden. Als je het allemaal zelf moet betalen, liggen de zaken misschien anders – we stonden met whitey vaker aan de pomp dan in de file. Maar als Saabs selling proposition ergens uniek is, dan wel voor deze cabrio. De BMW 3-reeks of A5 cabrio’s vertellen een totaal ander verhaal, om van de Fransen nog te zwijgen. De 9-3 cabrio is monopolist van de glimlach en mag niet van onze wegen verdwijnen. Petitie en bestelbon tekent u hier.

[Foto’s: Jeroen Peeters]

1

Share Button

Leave a Reply