DRIVR

ShootOut: MINI JCW vs. Renault Clio RS

We schrijven 1976. De oliecrisis ligt nog vers in het geheugen en dure, dorstige sportwagens zijn de eerste slachtoffers. Octaangezinden aller lande krijgen te kampen met hevige ontwenningsverschijnselen, tot een zekere Franse constructeur op een goede dag beslist dat haar kleine hatchback best een dubbele dosis chevaux kan gebruiken. De Renault 5 Alpine is geboren en markeert de start van de GTI-gekte.

Fast forward naar 2009. De financiële crisis ligt nog vers in het geheugen en dure, dorstige sportwagens zijn de eerste slachtoffers. Octaangezinden aller lande maken zich geen zorgen: de hot hatch is inmiddels een begrip geworden en een zekere Franse constructeur heeft nog steeds de referentie in huis. In hun verbeten concurrentiestrijd op de verzadigde GTI-markt claimen Renault, Volkswagen en Alfa allen de titel van grondlegger van het genre. Ze vergeten er echter eentje: eind jaren zeventig was de Mini Cooper S al meer dan een decennium lang hét bommetje op wielen. Hoewel geen hatchback in de strikte betekenis, bleek de Mini toen de belangrijkste uitdager van de Renault 5 en confraters. Of hoe de geschiedenis zich herhaalt…

MINI John Cooper Works vs. Renault Clio RS

“Terwijl de Mini, objectief beschouwd, voor velen de betere auto is, verovert de Clio Sport zoetjes menig hart.” Dat concludeerde collega Cedric toen hij de Renault Clio RS en de MINI Cooper S twee jaar geleden tegenover elkaar zette. De Fransoos kreeg zijn voorkeur vanwege zijn superieure rijdynamiek en motorsensaties. Ongetwijfeld een zure appel voor MINI’s moederhuis BMW, dat niets minder dan ‘The Ultimate Driving Machine’ beweert te produceren. Onder de klinkende naam ‘John Cooper Works’ werd een nieuwe topversie klaargestoomd, met slechts één doel voor ogen: de kroon van beste hot hatch afpakken van de Clio RS. Renault profiteerde ondertussen van de facelift van de Clio om ook haar vlaggenschip lichtjes te herzien.

MINI John Cooper Works

Hoewel de vermogens nu dichter bij elkaar liggen, blijft de verschillende motorfilosofie het karakter van beide wagens drastisch bepalen. BMW zweert bij het 1.6-turboblokje uit de Cooper S, hier opgedreven tot 211 pk en vooral 260 Nm koppel (280 Nm in overboost) tussen 1.850 en 5.600 tpm. Van een turbogat is dus geen sprake; van een instant trap onder de kont bij de minste streling van het gaspedaal des te meer. Renault kietelde zijn atmosferische tweeliter dan weer op tot 203 pk bij 7.100 tpm en een nu iets vroeger vrijkomende koppelpiek van 215 Nm bij 5400 toeren. Om die hoogtoerige natuur te compenseren werd bij de facelift wel voor meer koppel onder de 3000 tpm en een kortere spreiding van de eerste drie versnellingen gezorgd. Hoewel merkbaar, mag het tegen een krachtpatser als de JCW niet baten. De absolute acceleratiecijfers ontlopen elkaar niet eens zo ver, maar van achter het stuur blijken die in de MINI veel gemakkelijker te reproduceren dan in de fijngevoeligere Clio, die onder de 5000 toeren nog steeds wat futloos overkomt. Zet beiden aan de lichten en de Duitser laat zijn concurrent onherroepelijk achter in een spervuur van uitlaatgeknal – als het niet regent tenminste, want dan heeft het koppelmonster de grootste moeite om zijn Newtonmeters zonder slippers aan de grond te krijgen.

MINI John Cooper Works

In de bochten trekken beide kemphanen hetzelfde verhaal door. De MINI kiest resoluut voor thrills boven skills: tijdens het remmen en insturen beweegt zijn kont wulpser heen en weer dan die van Shakira; bij het uitaccelereren nemen de voorwielen die rol over. En daar is niks mis mee. Koppelreacties worden vaak op excorcistische wijze uitgebannen, wat voor de veiligheid natuurlijk geen slechte zaak is, maar je voelt tenminste dat de MINI lééft. Een ervaring die in de haast klinisch efficiënte Clio soms ontbreekt. Als een steriele scalpel snijdt hij zonder drama’s door de bocht; zo gemakkelijk dat het bijna verraderlijk rustgevend wordt. Want vergis je niet: wanneer uitgedaagd kwispelt ook de RS zijn staart als een onstuimige pup. Maar zoals bij elke jonge hond is voorzichtigheid geboden. Drijf hem te ver en in zijn ongebreidelde enthousiasme hapt hij je vinger eraf.

Renault Clio RS

Wanneer het tempo zakt, merken we voor het eerst op dat deze auto’s ook een interieur hebben. En dat er op dit vlak maar één winnaar kan zijn: de MINI. Ronde, glazen tellers, carbonaccenten her en der, personaliseerbare details, … De JCW ademt stijl. Zolang je tenminste niet van te dichtbij gaat kijken. Chromé toetsen blijken dan plots gelakt plastic, aluminium pedalen blijken vastgelijmde opzetstukken. Enigszins ongepast voor zo’n elegant autootje, maar bijlange zo erg niet als de Clio – die lijkt binnenin nog steeds op een samenraapsel van wat men kon missen uit de Renault-catalogus. Niet dat er geen poging ondernomen is om die grijze massa wat op te fleuren, maar het nieuwe dashboardbiesje in toch-net-niet-helemaal-koetswerkkleur illustreert de halfslachtigheid daarvan. Dat kleurtje kan overigens ook op de Recaro’s gedrapeerd worden, maar de Alcantara of lederen exemplaren uit de Works zijn hoe dan ook mooier, zitten beter (lager) én hebben een geïntegreerde flankairbag. Niet dat de MINI volledig gespaard blijft van ergonomische problemen: sommige knopjes zijn moeilijk bereikbaar, het elektrische schuifdak beperkt de hoofdruimte en de dikke achteruitkijkspiegel durft al eens egoïstisch het zicht vóóruit te belemmeren – net als de insectenbrij die onvermijdelijk op de rechte voorruit ontstaat.

MINI John Cooper Works

Ook van buitenaf is de MINI de knapste, zeker wanneer hij zoals ons testexemplaar is aangekleed met de optionele JCW-bodykit, verstralers en motorkapstriping. De gefacelifte, zwarte neus en bredere sideskirts (vanwege de toegenomen spoorbreedte) van de Clio RS onderstrepen wel zijn nóg sportievere inborst – tenminste, wanneer je voor de Cup-versie gaat. Die gestripte en goedkopere variant staat nu op een nog stijver chassis, terwijl de ‘Luxe’-basisuitvoering wat vergeeflijker is geworden. Het cupchassis is ook daarop beschikbaar als optie, maar die combinatie kwam in ons testexemplaar minder gefocust over dan de onlangs geteste pre-facelift Cup – nog steeds dé fijnproeverskeuze bij uitstek.

MINI John Cooper Works vs. Renault Clio RS

Minder is dus soms meer, en hetzelfde kunnen we concluderen over de John Cooper Works. Ondanks zijn permanente geworstel om tractie wisselt die de mechanische sper van de Cooper S voor een elektronisch exemplaar, dat tijdens het uitaccelereren op de remmen ingrijpt om de koppelverdeling van een LSD na te bootsen. Het resultaat is letterlijk een geremde rijervaring in een machine die eigenlijk te veel paarden op stal heeft, waardoor de Cooper S met 175 (163) pk als totaalpakket homogener overkomt en op alles behalve een circuit bijna net zo snel is. Voor 5650 euro minder. De keuze is snel gemaakt…

MINI John Cooper Works

Liever een Cooper S dus dan een JCW en liever een Cup dan een RS. Dat gezegd zijnde was de opzet van deze shootout natuurlijk om een keuze te maken: MINI of Renault? We kunnen alleen concluderen dat ze, ondanks hun beperkingen, beiden winnaars zijn. De hoogtoerige Fransman voelt bijna aan als een echte racewagen; haarscherp en hypergebalanceerd. Snijdt de RS bochten aan als de scalpel van een hersenchirurg, dan hakt de JCW er – met een lichtjes gestoorde blik in de ogen – met de botte bijl op in. Brute kracht en dolle pret gaan hand in hand. De koppelrijke turbomotor biedt misschien wat minder gevoel, maar paart zijn explosieve kwaliteiten wel aan dagelijkse (laagtoerige) bruikbaarheid en een laag verbruik. De juiste beslissing hangt dus volledig van jou af: ben jij de hersendokter of de dolle maniak? Het circuitbeest of de stoplichtsprinter? Ik heb mijn keuze alvast gemaakt. Twee keer raden wat hier binnenkort op de oprit prijkt…

MINI John Cooper Works

[Foto’s: Jeroen Peeters & Ken Divjak]

MINI JOHN COOPER WORKS

Plus Min
+ Instant turbopower – Overpowered?
+ Speels rijgedrag – Geen mechanische sper
+ Stijlicoon – Afwerkingsdetails interieur
+ Soundtrack JCW-uitlaat – Astronomische prijs

Weggecijferd

Motor 1.6 4-in-lijn turbo
Aandrijving Voorwielen
Vermogen 211 pk
Koppel 260 Nm
Gewicht 1205 kg
Acceleratie (0-100 km/h) 6,5 s
Topsnelheid 238 km/h
Gem. testverbruik 8,7 l/100 km
Prijs 30.150 euro
Fiscale PK 9

Verdict

8 op 10


RENAULT CLIO RS

Plus Min
+ Hoogtoerige sensaties – Weinig fut bij lage toeren
+ Gebalanceerde wegligging – Droevig interieur
+ Stopkracht Brembo’s – Verbruik
+ Geslaagde facelift – Combinatie ‘Luxe’-Cupchassis

Weggecijferd

Motor 2.0 4-in-lijn atmo
Aandrijving Voorwielen
Vermogen 203 pk
Koppel 215 Nm
Gewicht 1327 kg
Acceleratie (0-100 km/h) 6,9 s
Topsnelheid 215 km/h
Gem. testverbruik 10,9 l/100 km
Prijs 22.050 euro
Fiscale PK 11

Verdict

8 op 10

Share Button

21 Responses

  1. ElmoTheElk says:

    Wacht eens even… vergeet je niet iets meer nadruk te leggen op het prijsverschil van 8000 Belgische of 10000 Nederlandse euro?

    Mij kan je JCW bodykit niet bekoren en de extra pk’s zijn, zoals je beschreef, helemaal niet nodig. Ik zou dan ook verbaasd zijn als je voor deze Mini koos. Ging het nou tussen de ‘standaard’ Cooper S en de RS Cup, dan was de keuze veel moeilijker, mijns inziens.

  2. STxN says:

    Fijne nuttige rijtest een mooi nieuwe wallpapermateriaal 😉

    wat betreft je volgende scheurijzer, ik heb zo’n Chili-rood vermoeden …

  3. Pieter Fret says:

    @ Elmo: Zoals ik al aangaf in het artikel, gaat mijn voorkeur inderdaad uit naar de ‘normale’ Cooper S. Dat is dan ook degene waarvoor ik hier al een plekje reserveer.

    Dat gezegd zijnde: een groot prijsverschil is er inderdaad, maar dat wordt (in België) voor een stuk teniet gedaan door de 1250 euro extra BIV op de zwaarder gemotoriseerde Clio RS, de bijhorende hogere rijtaks en verzekeringspremies en last but not least het significante verbruiksverschil. Dat prijsverschil blijkt dan plots toch niet meer zo groot…

  4. Mee says:

    Proficiat met de Cooper S! 😉

  5. PieterA says:

    Mooie test, lastige keuze. Ikzelf heb het altijd meer gehad voor hoogtoerige blokken en ik vind de Clio er best knap uitzien. Dus mijn voorkeur gaat naar de Fransman. Al moet je ze eigenlijk eerst zelf gereden hebben vooraleer objectief te kunnen beslissen. Het Focus RS prijskaartje van de Mini pleit ook al niet echt in zijn voordeel. Geen interieur foto’s?

  6. STxN says:

    Geen foto’s van die vernieuwde snuit op de Renault?

  7. @Pieter: Gij hebt het wel voor vrouwenautokes he 😀

  8. Pieter Fret says:

    I’m in touch with my feminine side 😛 Maar een Cooper S is nu toch niet echt een vrouwenauto, vind ik.

  9. Casper Heij says:

    Die laatste foto is echt geniaal.

  10. bwoa Pieter, ‘t blijft een Mini e… 🙂

  11. Casper Heij says:

    Ik ben met Pieter. Tegenwoordig zijn de leukste, betaalbare auto’s immers allemaal “vrouwenauto’s” in de basis, wat in zou houden dat we als stoere mannen nooit meer een fatsoenlijke hot hatch kunnen rijden. Dusseh: stoere bak man! Vet! *rochel* *burp*

  12. Ken Divjak says:

    Best wel onderhoudend die meningsverschillen over het al dan niet vrouwelijke trekje van de JCW – exact de vraag die 24-uursrijder en TV-presentator Tim Schrick zich stelde tijdens zijn circuittest van de snelste Mini aller tijden:

    For the Record: ik denk dat je de JCW-versie bezwaarlijk een vrouwenauto kan noemen. De cabrio daarentegen…

  13. Simon Herman says:

    Het is tegenwoordig erg moeilijk om met een hoogtoerig bommetje wat plezier te hebben op de openbare baan. Ga een paar versnellingen door de toeren en voor je het weet zit je aan snelheden die je op de snelweg zelfs niet moogt rijden. Met een turbo motor kan je daarentegen ook bij lagere toeren (en snelheden) voelen waar je euro’s naartoe zijn gegaan…
    Toch kies ik voor de clio. Al is het maar om de constructeurs aan te moedigen om zulke atmosferische 100pk/l motoren te blijven bouwen

  14. JDM says:

    Simon Herman: amen.

  15. bart says:

    ik zou me dood ergeren aan die elektronica

  16. Bjorn Willaert says:

    Euhm, de Clio en Mini hebben net hetzelfde bedrag qua BIV. Ze vallen beiden onder de fiscale grens van 211 pk, wat net geen 2500 EUR als BIV betekent…

  17. Pieter Fret says:

    Excuus, ik had de Cooper S in het achterhoofd 😉

  18. Bjorn Willaert says:

    Zijn dit trouwens privewagens die gebruikt worden voor de test? Mini had een zwarte JCW in perspark en Renault heeft sinds de kort de gefacelifte versie staan, maar aangezien er geen pics van de neus staan en de nummerplaat me te oud lijkt, doet me vermoeden dat dit geen testwagens zijn van de merken zelf?

  19. Pieter Fret says:

    Toch wel, Bjorn. Al onze tests worden met officiële perswagens uitgevoerd.

  20. Pieter Fret says:

    @ PieterA & STxN:

    U vraagt, wij draaien. Hierbij wat foto’s die de final cut niet haalden:

    MINI John Cooper Works

    Renault Clio RS

    Renault Clio RS

  21. Ah ok dan, ik zal dan binnenkort dezelfde Clio onder mijn poep krijgen voor enkele dagen… 🙂

Leave a Reply