Ken Divjak Aug 4, 2009
Roadtrip: 3000km in de Volvo C30 DRIVe
Woensdagavond half zes, scherpschutter Jeroen P aan de lijn. Of ik volgend weekend mee naar Zuid-Frankrijk kan voor een fotoshoot? Zijn woorden zijn nauwelijks koud wanneer mijn onderbewustzijn de bovenhand krijgt en volmondig “natuurlijk” scandeert, zonder ook maar één van de vijf W’s te kennen. “Da’s dan geregeld”, antwoordt hij snel, meteen gevolgd door “vrijdagochtend vertrekken, maandagavond terug en jij zorgt voor de wielen”. Klik – tuut tuut tuut…
Geen seconde later sijpelt het door: ik moet binnen de 24 uur een echtelijke excuus verzinnen, een paar dagen verlof regelen én een auto versieren om in Zuid-Frankrijk te geraken. Bovendien mag dat niet zomaar ‘een’ auto zijn, maar liefst een die comfortabel genoeg is om 3000km mee te trippen, compact genoeg om in een stadscentrum te fungeren en interessant genoeg om op DRIVR te figureren. Zei ik trouwens al dat ik binnen de dag een echtelijk excuus vier wielen moet zien te regelen in een land waar de gemiddelde wachttijd voor een testwagen twee maanden bedraagt? Tijd voor een mirakel.
En dat komt er in de vorm van een Volvo C30 DRIVe, Zweuden’s holistische kijk op milieuvriendelijk transport, zoals de persmap het cryptisch omschrijft. In mensentaal betekent dat geen nieuwbakken technologie maar bewezen aanpassingen aan aero en banden om onder de kaap van de 120 gram CO2 per kilometer te duiken (104 g voor de versie met start/stop). Dat de funky C30 ondertussen ook een hip ecopak aangemeten krijgt, is niet alleen mooi meegenomen maar ook exact zoals vorig jaar voorspeld: “Het is slechts een kwestie van tijd vooraleer groene modellen het zoeklicht integraal van de merktoppers afsnoepen. Verrassend daarbij is dat niet alleen het lagere verbruik maar ook de unieke styling een doorslaggevend verkoopsargument wordt”. Alleen spijtig dat ‘onze’ C30 niet in flashy groen maar in een saaie blauwtint geleverd wordt; een foutje waar aspirant-kopers zich beter niet op laten betrappen en dat we in ons geval onder bovenvermelde tijdsdruk klasseren.
Ergo: mits de juiste kleurkeuze zit de styling van de DRIVe-modellen absoluut snor. Maar geldt dat ook voor de binnenkant? 500 km onderweg zijn Jeroen en ik het alvast eens: op een paar afwerkingsdetails na valt er weinig aan te merken op de in Gent gebouwde C30. De stoelen zijn subliem, het instrumentarium ergonomisch, de zwevende middenconsole een feest en het zicht rondom perfect dankzij langgerekte zijruiten achteraan en een glazen kofferklep. Het enige minpunt is de brandstofmeter die onder Parijs nog altijd op driekwart staat; geen productiefout maar het levende bewijs dat de 1.6 gemakkelijk met 5l/100km toekomt – en de inzittenden ondertussen met nierstenen opzadelt. Want niets zo vreemd als pitten zonder te tanken om dan tien minuten rond een Volvo te ijsberen. Al ontdek je zo wel enkele unieke stijlfeatures als de aërodynamische Lybra-velgen en de sportieve dakspoiler met zilveren diffuser. Sexig.
De hamvraag is alleen: rijdt de C30 zo goed als zijn DRIVe-achtervoegsel belooft? Genuanceerd antwoord: om te cruisen ga je niet veel beter vinden. Net als de zusterproducten van Ford vertoont de C30 inherente juistheid in alle bedieningsorganen. Van de gehercalibreerde servo over de duidelijke bak tot de progressieve pedalen… ‘volwassen’ is het mooiste compliment dat je deze Volvo kan maken. En dat komt natuurlijk door het van de grotere S40 geleende platform dat in de C30 enkel aan koffer- en beenruimte inboet. Anderzijds zorgen de aangepaste motorsoftware en bakspreiding van de DRIVe-reeks wel voor een laagtoerig motorkarakter dat meer short-shifting dan redlining is (de schakelindicator licht op bij 2.500t/m). Geen probleem op snelheid, maar minder elegant in de stadjungle waar je vaak snel uit de startblokken moet – met alle koppelingsslip en motorgerommel vandien. Want echt stil kan je 1.6Tdci van de Ford-origine bezwaarlijk noemen.
En nu we het er toch over hebben, de C30 moet dynamisch nog altijd zijn meerdere erkennen in de oudere en goedkopere Focus – net als de C30 T5 het tegen de gelijkaardige Focus ST moet afleggen. Dat ontdekken we bij aankomst in Pau waar de organisatie zo attent is geweest om een stratencircuit af te zomen en ons van een stel persbadges te voorzien. Hoe zou je zelf zijn… Op de verlaten omloop worden onze eerste indrukken bevestigd: de C30 is zo correct als de Van Dale het omschrijft. Met veilige reacties, voorspelbare limieten en de gekend tjirpende spaarbanden van alle ecostrijders. Maar ook niet meer dan dat. Geen vuur of een piepklein duiveltje dat over je schouder fluistert om dieper te gaan en te ontdekken wat de Focus-ingenieurs allemaal na hun uren uitspoken. Wat je wel te horen krijgt is vijf NCAP-sterren en een ontwerp dat volgens ondergetekende bij de kandidaten voor Toekomstige Klassiekers behoort. Voor 17.000€ rond dankzij de overheidspremie van 15% op de start/stop-versie met 104g CO2/km.
[Foto's: Jeroen Peeters & Ken Divjak]
VOLVO C30 DRIVe 1.6d
| Plus | Min |
| + Future Classic | - de Ford Focus stuurt scherper |
Weggecijferd
| Motor | 1.6 turbo diesel |
| Aandrijving | voorwielen |
| Vermogen | 110 pk |
| Koppel | 240 Nm |
| Gewicht | 1369 kg |
| Acceleratie (0-100 km/h) | 11,3 s |
| Topsnelheid | 190 km/h |
| Gem. testverbruik | 5,1 l/100 km |
| Basisprijs | 21.950€ |
| Fiscale PK | 9 |
Verdict
![]()





Future classic of retro: Volvo heeft er al een soortgelijke stijloefening opzitten met de P1800 ES. En inderdaad, die ES aged well.
Tijdens mijn vorige zoektocht naar een leasebak was ik er redelijk van overtuigd dat het de volvo V50 ging worden. Totdat ik er een proefrit mee maakte. Op het rijden geen aanmerking, maar het interieur zag er der mate goedkoop en ordinair uit dat ik echt geen zin had om hier 50.000km per jaar in te gaan zitten. Zijn ze er dan toch op vooruit gegaan bij volvo?
Kwaliteitsissues zijn we in de C30 niet tegengekomen; kijk wat verder dan het – naar onze mening – erg smaakvolle dashboard en je vindt hier en daar wel stuk goedkoper plastiek, maar de algemene indruk is er één van kwaliteit en goede smaak die dan weer in de Focus ontbreekt.
Check onderstaande foto uit onze rijtest met de T5-versie van een tijdje terug:
Meer dan netjes, toch?
Nice, blij om eens een DRIVe test te lezen – meer dan ooit belangrijk als je een leasewagen moet kiezen.
OK, de Focus is goedkoper, maar qua uitzicht (en binnenin blijkbaar ook) ga ik toch zó voor een C30.
Is de 1.6 diesel niet een PSA motor? Mijn vader (die bij Volvo werkt) zegt van wel…
Ik heb er dan mss een tijdje geleden een vakantiejob bij mijn vaders werk op zitten, er waren slechts 2 C30′s en allebei heb ik niet gereden! Wel met de S40/V50, en mijn ervaringen waren niet goed. Ik ben het puppie- achtig enthousiaste gedrag van een VW Golfje gewoon, en occasioneel eens iets anders (maar meestal sedans etc., de gemiddelde auto hé – wel één keer op het werk een T5 gereden.
), dus het vage, niet corresponderende rijgedrag gecombineerd met de veels te vergeeflijke en onscherpe (ik verkies een kabeltje boven een hydraulische pomp) koppeling zorgde voor een overal oordeel dat de auto gewoon een transportmiddel is. Fijne motoren, maar daar eindigt de pret voor de autoliefhebber. Spijtig, want ik had hoge verwachtingen van Volvo, ben opgegroeid al lopende achter een veel te hard werkende papa en ik zonk geregeld weg in de fantastische stoelen van de toen enorme Volvo’s – zelf hadden we er ook eentje, een 242 coupe (redelijk zeldzaam eigenlijk).
Over de C30: heb ik nooit mee gereden!
Lijkt me trouwens ook een heerlijke trip naar het zuid-Frankrijk!
@ Beebeeporsche: mijn ouders hebben een V50 en ik kan niet beamen dat het interieur (dat grotendeels hetzelfde is als bij de C30 en S40) goedkoop en ordinair is. Wel heeft onze V50 een zwart lederen bekleding en de houten inleg gekregen. Maar zowel het interieur van de S40 als de C30 die we eens als vervangwagen hadden meegekregen en die minder rijkelijk waren uitgerust, zagen er allerminst goedkoop of ordinair uit. Wel heeft het een strak, clean en zelfs wat minimalistisch scandinavisch design. Misschien dat je daar dan op afknapt.
Ondanks de kleinere beenruimte van de C30 had ik over het comfort op de achterbank met mijn 186cm niets te klagen.
Wederom een geweldig geschreven stukje!
Na een dikke 8 maanden s40 rijden (na een jaartje Golf5 gereden te hebben) kan ik deze review enkel beamen. Volvo koop je niet voor z’n agressie (zelfs als je voor T5 zou gaan zijn er betere alternatieven) maar voor z’n onberispelijke interieur, design en volwassen totaal plaatje.
Tweak het interieur wat, steek er een fantastisch high performance audiosysteem in en elk ritje is simpelweg een zaligheid! Da’s toch ook autoliefhebberij toch ?