DRIVR

Pieter Fret (Deel 3 van 5):
De Vijf DRIVRs waar ik écht eens mee wil Rijden

Een antwoord formuleren op de vraag met welke vijf wagens je absoluut eens gereden wilt hebben voor je het loodje legt, is zoals het beste bier ter wereld kiezen: er zijn er gewoon te veel. Moet ik toch de lange lijst samenvatten, dan kom ik niet uit bij een collectie exoten of klassiekers – eerder een bont allegaartje (relatief) modern, klein en licht rijdersmateriaal. So here goes: mijn – hoegenaamd niet exhaustieve – selectie automobiele Westvleterens.

Lotus Elise S2 111S

Lotus Elise

Al zowat een decennium lang de aanvoerder van het lijstje, maar bij gebrek aan een Belgische importeur nog steeds niet doorkruist geraakt: de Lotus Elise. Dé belichaming van de moderne driver’s car: spartaans, licht, compact, gefocust. En nét genoeg pk’s, zodat je nog ouderwets moeite moet doen om het laatste restje uit de atmosferische 1.8 te schrapen. Want hoewel er in de instapper tegenwoordig een 1.6 van Toyota-makelij ligt, blijft het neusje van de zalm voor mij de 111S van de tweede generatie, wegens nóg lichter (780 kg) en voorzien van een karaktervolle én krachtigere Rover K-Series met 160 pk.

Ariel Atom

Ariel Atom

Rijden herleid tot de pure essentie – dat is de Ariel Atom. Geen carrosserie, geen dak, geen ruiten; allemaal overbodige ballast. Een daily driver is dit niet, een DRIVR des te meer. De apex kussen was nooit zo eenvoudig, want door het aluminium exoskelet zié je gewoon de voorwielen hun werk doen. En dan die cijfers… 456 kg, 245 pk (in de basisversie), ergo 0-100 in 2,9 seconden. Iedere DRIVR moet deze auto ooit ervaren hebben. Punt.

Peugeot 205 1.9 GTI

In mijn kindertijd tuften mijn ouders rond in een knalrood Peugeot 205’je, waarin ik destijds voor het eerst een stuur mocht bepotelen. Toen ben ik verliefd geworden op auto’s in het algemeen en het tijdloze Pininfarina-design in het bijzonder. Pas achteraf zou ik leren dat achter die karakterkop ook een van de beste (en eerste) hot hatches aller tijden schuil ging. Of om het met Clarkson’s woorden te zeggen: “You could bring a Ferrari down here, or a Porsche 911, or a Lamborghini Diablo, and not one of them would be able to keep up with this.”

Mazda RX-8

Er zijn twee redenen waarom ik niet alleen eens in een Mazda RX-8 wil ríjden, maar er gewoon een wil hébben. Ten eerste is hij heerlijk eigenwijs, met zijn suicide doors en tot 9.000 toeren klimmende Wankelmotor. En ten tweede is dit eindelijk eens een compromis dat niet het slechtste, maar het beste van twee werelden combineert. Een coupé en toch vier deuren, compact en toch ruimte voor vier (volwassenen), sportief en toch comfortabel. Maar opnieuw: don’t believe me, believe Clarkson.

Ferrari whatever

Ferrari 288 GTO

Noem het gerust een cliché, want dat is het ook: iedere autoliefhebber wil ooit eens in een Ferrari gereden hebben. En terecht. Maakt niet uit dewelke: een 458 of een 308, een GTO of een Dino – hell, al is het een Mondial. Ongeacht de prestaties, het bouwjaar, de prijs of het uiterlijk; voor ik andere oorden opzoek, wil ik gewoon eens geproefd hebben van die magie. Heel eventjes maar – Maranello zien en sterven.

Share Button

14 Responses

  1. Ken Divjak says:

    Ferrari whatever schrijft ’em dan, en zet er pardoes een foto van een 288 GTO bij!;)

  2. Stijn Sioen says:

    “Al zowat een decennium lang de aanvoerder van het lijstje, maar bij gebrek aan een Belgische importeur nog steeds niet doorkruist geraakt: de Lotus Elise. ”

    Er zijn al enkele jaren twee officiële importeurs hoor in België…
    Lotus Verhiest in Oostende: http://www.lotus-verhiest.com/
    Frédéric Koninckx Motors in Antwerpen: http://www.lotuscars.be/

    • Ken Divjak says:

      Het woord PR-dienst was misschien correcter geweest – inderdaad.

      Maar wij zien een importeur nog altijd als diegene die de perscontacten (en evt. -park) onderhoudt, en dat gebeurt momenteel nog altijd vanuit Duitsland.

  3. Pieter Fret says:

    Iemand trouwens al met een van deze wagens gereden, die zijn ervaringen wil delen?

  4. AnthonyG says:

    @Pieter Fret (en ook een beetje voor alle andere Drivr’s met hun lijstje)
    Dat maakt als ik je de keuze geeft tussen de sleutel van een Mclaren F1 en de sleutel van een Elise, dat je voor de Elise zou gaan?

    • AnthonyG says:

      *de keuze geef

    • Pieter Fret says:

      Tja, dat heb je met die beperking tot slechts vijf auto’s natuurlijk. Maar langs de andere kant denk ik dat ik in een Elise meer plezier zou hebben, simpelweg omdat ik in de F1 continu doodsangsten zou beleven. Vergeet niet dat zo’n wagen bergen rijtalent én een circuit vraagt.

      Bovendien heb ik liever bereikbare dromen 😉

    • Pieter Ameye says:

      @AnthonyG: Die afweging heb ik wel gemaakt (bvb Delta Integrale vs CooperT51, en dan verkies ik toch de Cooper). Daarom ook dat mijn lijstje een stuk minder bereikbaar is dan bij de collega’s.

      Mwoa, een mens mag dromen 😉

  5. car-nut says:

    Pieter, proficiat met je lijst: je bent de eerste die het durft om er geen Duitser in op te nemen 😉
    Wat de RX-8 betreft, dat is ondertussen een haalbare kaart geworden op de tweedehandsmarkt, maar verwacht niet teveel: het concept is geniaal, het chassis om van te snoepen, maar als geheel laat hij in het dagelijkse verkeer toch wat een ‘hol’ gevoel achter, want je kan hem in de praktijk maar zelden naar de 9.000 toeren jagen waar hij zo naar snakt.

    • Stijn says:

      Om nog maar te zwijgen van de gebruikte materialen in het interieur en de beperkte kofferruimte. Niet helemaal een echt mooie coupélijn en ook niet zo praktisch als een berline. The worst of both worlds…

    • Pieter Fret says:

      Leuk om eens wat andere geluiden te horen/lezen.

      En ivm die Duitsers: degelijkheid troef, maar bitter weinig droomwagens, wat mij betreft. Al bestaat mijn persoonlijke autoportfolio tot hiertoe volledig uit moffen.

Leave a Reply