Pieter Fret Dec 16, 2010
Shootout:
Alfa Romeo Giulietta 170 MultiAir vs Opel Astra 1.6T
Noem de Giulietta gerust een keerpunt voor Alfa Romeo. Niet omdat de kersverse C-segmenter het zoveelste model van de waarheid is voor de in nauwe schoentjes verkerende constructeur, en zelfs niet omdat hij zij – zoals de nostalgische naamgeving doet vermoeden – na een reeks teleurstellende modellen opnieuw het cuore sportivo van de Alfisti moet bekoren. Neen, dame Giulietta is speciaal omdat ze dat net niét probeert. In plaats daarvan mikt de meest volwassen Torinista resoluut op een toppostje in de klasse waar koning Golf en premier 1-Serie de plak zwaaien. Tiens, waar hebben we dat eerder gehoord?
Op de perspresentatie in Duitsland mocht collega Ken Divjak vorig jaar al ervaren dat de laatste Astra-generatie Opels beste poging in die richting is. Laat je omzwachtelen door de uitmuntende en oneindig verstelbare voorstoelen (als enige in dit segment voorzien van het AGR-label voor ergonomie) en je begrijpt meteen dat het menens is. Dat onmiddellijke gevoel van welbehagen wordt bevestigd door het knap gestileerde, maar vooral uitstekend afgewerkte dashboard. Alleen enkele stoorzenders zoals de overload aan knopjes en het ’s nachts verblindende – maar knap geïntegreerde – infotainmentsysteem doen de interieurbeleving op een zucht van de gevestigde (Duitse) waarden stranden.
De middenconsole van de Giulietta laat zich intuïtiever bedienen en ziet er zo mogelijk nóg gelikter uit, maar daar eindigt de Italiaanse suprematie in het interieur. Zo kan de steun van de nochtans knappe lederen zetels beter, en blijft de bediening van de cruise control ergens buiten het zicht verstopt achter het stuur. Erger is de diepe opstelling van het ontkoppelingspedaal én het feit dat het bijtpunt flauwer is dan dat van een maltezer. Samen met het aangenaam directe, maar ietwat gevoelloze stuur resulteert dat in een vrij digitale rijbeleving die we liever wat analoger zouden zien.
Een grotere verrassing is dat de Astra wél kan pronken met mechanisch aanvoelende pedalen en een dito schakelpook. Al tekenen we ook hier minpunten op voor het stuur: te vaag, te licht, te zwijgzaam. Maar dat past wel binnen Opels plaatje dat vooral op comfort focust – met als paradepaardje de optionele FlexRide-ophanging, die zelfs op 18-duimers zware oneffenheden zonder problemen onder de mat veegt en toch niet zeeziek maakt. De keerzijde van dat niet-overhellen is dat de limieten vager zijn en in extremis op onderstuur uitdraaien. Geen kwispelende achterkant dus, maar die heeft de Alfa evenmin.
Ter compensatie voorziet Opel (naast de comfortabele standaardafstelling en de in slaap wiegende Tour-stand) ook een Sportmodus, compleet met rood oplichtende tellerpartij. Die verzwaart het stuur, verscherpt de gasrespons en trekt de veren een tikje strakker. Zelfs wanneer je de knoppen ongemoeid laat, voert het systeem continu wijzigingen door, afgaand op je huidige rijstijl. Alleen lijken die in de praktijk toch meestal op maximaal comfort te mikken – de aard van het (corpulente) beestje. De DRIVR op zoek naar scherpte vermijdt daarom beter zware opties als een schuifdak en kiest voor de standaard stalen veren.
Of voor de Giulietta, want ondanks diens flauwere bedieningsorganen blijkt dit de eerste Alfa sinds (veel te) lang die dynamisch uit de voeten kan. De gripgrens ligt verrassend ver en het weggedrag blijft steeds neutraal, voorspelbaar en zelfs behoorlijk comfortabel. Getekend: het nieuwe C-EVO-chassis, dat ook als basis zal dienen voor de komende Giulia. Extra spijtig dus van die laakbare pedalenset, want zeker in de ‘Dynamic’-stand blijkt het gaspedaal te binair om er de rijlijn subtiel mee te corrigeren. Al liggen de DNA-settings gelukkig minder ver uit elkaar dan in de schizofrene Mito QV.
De 1.4 MultiAir levert dus wel degelijk een aha-erlebnis op, en zelfs in de positieve zin van het woord. Hij klimt vlot in de toeren en stuurt daarbij een agressieve grom door de uitlaatlijn. Bovendien toont hij zich minder doods in de allerhoogste regionen dan de 1750 TB die in de Giulietta met het klavertje vier figureert. Maar echt snel voelt het allemaal nooit aan, want zelfs met 170 cavallini rampanti duurt het geijkte sprintje naar 100 km/h 7,8 seconden – volgens de officiële cijfers, die notoir moeilijk zijn om in de dagelijkse praktijk te evenaren.
Toch voelt de Alfa een pak vinniger aan dan de ronduit zwaarlijvige Astra, die er met 10pk extra nog zeven tienden langer over doet. Bovendien resulteert diens comfortabele afstelling en efficiënte geluidsisolatie in een gebrek aan snelheidsbeleving; de cijfers komen wel, maar je voelt ze nooit – en daar draagt ook het romige karakter van de 1.6 turbo aan bij. Ware het niet dat de rode zone pas bij 6500 toeren begint; we zouden zowaar geloofd hebben dat we met een gesofisticeerde dieselversie onderweg waren.
Dat is tegelijkertijd de grootste sterkte én zwakte van de Duitser: als comfortabele gezinshatch is hij precies wat de gemiddelde huisvader zoekt, maar als (voorlopige) sportieve topversie schiet hij tekort. Daarom een halve (ste)R meer voor de Giulietta, die subjectief misschien minder solide aanvoelt, maar voor quasi hetzelfde geld riant meer smiles per mile biedt. Of hoe de ‘Alfa voor de massa’ onverwacht de puurste in jaren is geworden.
[Foto's: Christiaan Ploeger]
PS: “De gustibus et coloribus”, klonk het twee millennia geleden al in Alfa’s bakermat, dus maken we aan het uiterlijk van beide modellen deze keer geen woorden vuil. Behalve dit: hoewel beide wagens volgens onze bescheiden ‘gustus’ het visuele kruim van het C-segment vertegenwoordigen, bleken ‘colores’ daarop van grote invloed. Onze knappe, zwarte Giulietta 1.4 MultiAir kon wegens conflicterende agenda’s niet mee op fotoshoot, zodat zijn 1.4 TB 120-broertje als stand-in moest fungeren. Diens combinatie van (standaard) 16-duimers en paarsblauwe lak deed het lijnenspel van de Alfa in onze ogen geen goed. Oordeel zelf maar aan de hand van de foto’s – de inaugurele DRIVR-set van fotograaf Christiaan Ploeger.
ALFA ROMEO GIULIETTA 1.4 TB 170 MULTI-AIR
| Plus | Min |
| + Pick of the range | - maar geen Duits perfectionisme |
OPEL ASTRA 1.6 T
| Plus | Min |
| + Comfort met een grote C | - Slaapverwekkend met een grote ZZZ… |
Weggecijferd
| Alfa Giulietta 1.4 TB 170 |
Opel Astra 1.6 T |
|
| Motor | 1.4 4-in-lijn turbo | 1.6 4-in-lijn turbo |
| Aandrijving | voorwielen | voorwielen |
| Vermogen | 170 pk | 180 pk |
| Koppel | 250 Nm | 230 Nm |
| Gewicht | 1290 kg | 1373 kg |
| Acceleratie (0-100 km/h) | 7,8 s | 8,5 s |
| Topsnelheid | 218 km/h | 221 km/h |
| Gem. testverbruik | l/100 km | 10,3 l/100km |
| CO2-uitstoot | 137 g/km | 159 g/km |
| Prijs | 22.690 euro | 22.749 euro |
| Fiscale PK | 8 | 9 |
Verdict
| Alfa Romeo Giulietta 1.4 TB 170 Multi-Air | |
| Opel Astra 1.6 T |













Ongeacht hoe mooi de Italiaan is, ik ben als de dood voor die typisch Italiaanse mankementen… Geen idee of het met deze nu anders is of niet.
De Opel darentegen vind ik er echt lomp uitzien. Moet ik kiezen? Hmmm, een moeilijke. Ik ben meer cruiser dan racer, dus ik zou voor de Opel gaan, maar ook cruisen moet aan een goeie snelheid kunnen hé
Oh ja, leuke review! Wagens lijken me gelijkwaardig
Ik begrijp waarom je de Opel lomp vindt, maar moet je om die reden de Giulietta niet nóg lomper vinden? Zelfde globale vorm imo, met een grotere overhang voor.
Persoonlijk vind ik de Alfa prachtig, wel zéér velg- en kleurgevoelig. (zie ook Ken’s addendum hierboven)
Ahum, Pieters addendum, zal je bedoelen
Heft er iemand al eens naar de led achterlichten van die Giulietta gekeken in het donker???
WAS DA VOOR IETS??
Err – een monocle?
Doet mij persoonlijk altijd denken aan een varkensstaartje. Inderdaad niet de meest geslaagde vormgeving – maar dat geldt mijns inziens ook voor de voorlichten, die qua karakter in het niets verdwijnen tegen de eens zo typerende drie-op-een-rij…
Allez, dat vind ik nu net prachtig aan dat ding, die achterlichten. Ik vind het straf dat niet meer constructeurs niet met speelsere ontwerpen voor lichtblokken zijn afgekomen dan wat lijnen en krommingen.
Plus 1 voor Alfa, me dunkt!
Ik vind het verschrikkelijk belachelijk.
Alfa wil sportief zijn, dan moeten die lichten toch een beetje agressief ogen allez. Bovendien loopt de lijn niet door want het de kofferklep onderbreekt de rij LED’s waardoor het dus zoals Djivy zegt een monocle wordt met daarnaast nog eens streepje.
Wat gaan we binnenkort nog te zien krijgen… het logo van de constructeur verborgen in de lichtunit?
Een achterlicht is een achterlicht hé gasten. Niks gaat voor mij boven de twee ronde dagrijlichten (niet-LED) bij de BMW’s.
Sportief ben je door weggedrag, niet door een agressief uiterlijk. Anders was elke BMW met zo’n afgrijselijk M-pakket plots sportief.