DRIVR

Roadtrip: Met FIAT naar het Museo Village in Parijs

Dat de Fiat Bravo nieuwe motorisaties kent, is op zich weinig stof tot schrijven. Zeker omdat de gangmakers in kwestie, intussen wijdverspreid zijn in zusterproducten van Alfa Romeo en Lancia. Maar in combinatie met een gelegenheidsbezoek aan het nieuwbakken Museo Village op de prestigieuze Champs-Élysées, ziet een kennismaking er plots een pak aantrekkelijker uit. Zo trekken we met twee van de nieuwe Bravo’s richting La Paname en maken van de nood een genoegzame deugd.

Met wat geluk kan ik de Bravo een dag op voorhand recupereren. Zo ontwijk ik niet alleen Brussel op zijn drukst, maar krijg daar ook twee uur extra slaap voor in de plaats. Over een meevaller gesproken. Niettemin gaat de wekker omstreeks half zeven onverbiddelijk af; daarmee nog voldoende tijd gelaten voor een verkwikkende douche, een dubbele espresso en een stevige hap. De trip richting Parijs is goed voor drie uur – 300 km op autoroute-snelheid. Op zich ideaal. Want de Bravo van dienst is rijkelijk uitgerust, ziet er goed uit dankzij het (optische) sportpakket (standaard op de 1.4 MultiAir en 2.0 MultiJet), en wordt door zijn 150 pk potent geacht voor het opgelegde parcours.

fiat_parijs_02

Toch slaak ik bij het oprijden van de E17, en het ingaan van de zesde versnelling, een kleine zucht. De rommelige zesbak voert zijn taak met tegenzin uit en wordt door de MultiAir-techniek onvoldoende bijgestaan in lage toeren. Het probleem situeert zich niet zozeer bij de motor – die is op zich prima – maar bij de afstelling van de elektronica. Want ook hier siert het gewraakte ‘Sport’-knopje de middenconsole. Daardoor het klassieke verhaal van een te slappe gasrespons in de normale stand en een ronduit nerveuze afstelling bij het Sport-gebeuren. Dat wij bij DRIVR geen fan zijn van dat marketing- en/of CO2-geneuzel, is al langer geweten. Een gulden middenweg had de 1.4 een stuk beter tot zijn recht doen komen. Enfin, gevolg is dat de Sport-stand uitblijft en ik dan maar af en toe terug naar zijn vijfde versnelling ga.

fiat_parijs_01

Net voor ik de Périphérique oprijd, is het tijd voor een eerste (sanitaire) stop en een foto van de nog steeds prima ogende Italiaan. De Maserati-grille blijft beeldig en herinnert aan het pijnlijke verlies bij de overgang van zus Grande Punto naar Punto EVO. Een ingreep waarover ze in Turijn vast en zeker nog steeds aan het discussiëren zijn.

Niet veel later draai ik l’Étoile‘s wereldvermaarde kinderkopjes op en piloteer ik de Bravo op zijn Italiaans richting Rotonde. Je laveert er vooral tussen Mercedes S-klasses, Citroën C6’en en Piaggio MP3’s. Erg op zijn plaats voelt de Bravo zich hier niet, en na wat zoeken ben ik blij dat ik arriveer. De locatie van het Museo Village mag dan wel zo Frans zijn als un verre d’armagnac, de sfeer erin en errond is op en top Italiaans. Met wisselende tentoonstellingen, tijdsoriginele kledij, haute couture, nooit eerder vertoond beeldmateriaal en cultobjecten allerhande. Voorts wordt hulde gebracht aan hedendaagse kunst van jonge Italiaanse kunstenaars en heeft Didier Ludot, mode-antiquair aan het Elysée en specialist in de haute couture van de twintigste eeuw, creaties uit privécollecties geselecteerd van 1900 tot nu. Met zeldzame stukken van de hand van Lanvin, Schiaparelli en Pucci.

fiat_parijs_03

Uiteraard zijn het de auto’s zelf die de meeste aandacht naar zich toetrekken – al keur ik de schone van de giftshop ook goed. De (wisselende) tentoonstelling belicht deze keer het sportieve verleden van de FIAT-groep en heeft, verdeeld over de vijf verdiepingen, serieuze kleppers in huis: een Lancia Beta Torpedo (1909), Alfa Romeo 6C 1750 GS (1931), Alfa Romeo 8C 2900 B Lungo (1938), Maserati 300S (1955), Abarth 750 Record Bertone (1956), Fiat 124 Spider (1968) en een Lancia Delta S4 Competizione uit 1985. Stuk voor stuk belle macchine, vaak aan het publieke oog onttrokken, en nu tijdelijk bereikbaarder dan ooit. Helemaal bovenaan wordt de Italiaanse mindtrip compleet dankzij restaurant NoLita. Haute cuisine op zijn Italiaans en een aanrader voor de rasechte Italofiel.

fiat_parijs_06

fiat_parijs_11fiat_parijs_12

fiat_parijs_08fiat_parijs_12

fiat_parijs_04fiat_parijs_17

Na het dessert is het tijd voor een laatste verkenning in het Museo en kan ik de gitzwarte Bravo, bedoeld voor de terugreis, al zien staan. Meteen maak ik mij de bedenking dat de Bravo het waarschijnlijk nooit zal schoppen tot in het Museo Village. Toch is het deze roetstoker die zich als de meest aangename laat ervaren. De 170 pk sterke tweeliter toont zich immer gewillig, heeft koppel in overvloed en zet vlotte prestaties tegenover een bescheiden verbruik. De ophanging houdt het midden tussen strak en comfortabel, maar raakt duidelijk de sporen kwijt bij snel opeenvolgende dwarsrichels of andere oneffenheden. Erg gesofisticeerd is het allemaal niet, maar de beperkte koetswerkrol maakt dan weer veel goed.

fiat_parijs_14

fiat_parijs_071

fiat_parijs_10

fiat_parijs_15

Bij het verlaten van Parijs zie ik, als laatste ode aan de Italiaanse automobiele knowhow, een fascinerend beeld. Een Alfa Romeo monoposte racer, rechtstreeks uit de jaren vijftig en op hoge snelheid richting Parijs. Nauwelijks legaal, maar tekenend voor de diversifiërende geschiedenis, de vele straffe verhalen en het rebelse karakter van de merken uit de FIAT-portefeuille. Nu misschien nog de Bravo…

fiat_parijs_16

[Foto’s: Pieter Ameye]

Share Button

2 Responses

  1. ElmoTheElk says:

    Ben nooit fan gefeest van zwart-witfotografie, maar deze set is prachtig! De Fiat kan mij best bekoren maar de ene keer dat ik er in heb gezeten (basisversie – niet gereden) viel ie wel wat tegen.

  2. Ken Divjak says:

    Het museum heeft trouwens een fameuze digitale evenknie:

    http://motorvillage.fr/en/home.html#/home

Leave a Reply