DRIVR

Wir haben es nicht gewusst: Audi Group S Prototype

Hoewel de Audi Quattro A1, A2 en later Sport Quattro de rallysport begin jaren ’80 voorgoed zouden veranderen, was hun suprematie van relatief korte duur. Ook de andere teams voelden dat vierwielaandrijving een significant voordeel bood. Ze combineerden het bovendien met een middenmotor lay-out. Iets wat ze ook bij Audi Sport heimelijk aan het voorbereiden waren, zij het in Tsjechoslowakije. Ver weg van pers, publiek, de VW/Audi-top en onder oogluikend toezicht van Dr. Ferdinand Piëch.

Slim als ze bij de sportieve tak van Audi waren, zagen ze al vrij snel de ongunstige positie van de geblazen vijfcilinder in. In ware Audi-stijl lag die voor de vooras, met als gevolg heftig onderstuur in kort tot middellang bochtenwerk en incidenteel tijdverlies. Concurrenten Peugeot en Lancia hadden intussen wel daadkrachtig ingegrepen met respectievelijk de 205 Turbo 16 en 037 – later opgevolgd door Delta S4 met middenmotor, drukvoeding én supercharging. In 1982, twee jaar na de komst van de Quattro en een overwinning bij de constructeurs, begon Audi Sport team manager Roland Gumpert (de man achter de Apollo) zich stilaan zorgen te maken. Met het intrinsieke voordeel van de middenmotors bij de concurrenten, en het gebrek daarvan bij Audi, zou de strijd voor de jongens uit Ingolstadt op voorhand mechanisch, en dus ook tactisch verloren zijn.

86monte

Toen de problematiek aan toenmalig Audi-opperhoofd Piëch werd voorgelegd, weigerde die initieel op het voorstel in te gaan. In plaats daarvan opperde hij om de bestaande Quattro verder te optimaliseren. Voor Piëch was het immers van primordiaal belang dat de link met de Audi’s van op de weg overeind bleef. De ogenschijnlijke oplossing kwam er in de vorm van de Sport Quattro met verkorte wielbasis. Een auto die helaas evenveel problemen oploste als creëerde. De combinatie van de extra pk’s, de motor (nog steeds) voor de vooras en een kort en dus nerveus chassis, maakte van de Sport Quattro een listige kameraad voor Röhrl en Blomqvist. Zozeer zelfs dat die laatste dat seizoen opteerde voor de op zich minder gunstige, maar meer voorspelbare Quattro A2.

wittmann

Toch zag ook Piëch dat om competitief te zijn een middenmotor lay-out zich stilaan opdrong. Stilzwijgend – en zonder medeweten van de VW en Audi-top – zette hij in 1984 het licht op groen voor een experimentele middenmotor Sport Quattro. Onder voordien nooit geziene omstandigheden van geheimhouding vertrok Gumpert met een selecte kring van ingenieurs richting Tsjechoslowakije. In Desna, zo’n 200 km ten zuiden van Praag, gingen ze aan de slag in een testfaciliteit van Porsche. Kisten met onderdelen werden ‘Kenya Test’ gemerkt, en om eventuele fabrieksspionnen te misleiden, werden er ook reguliere Sport Quattro’s op het adres afgeleverd.

hannuwalter

85sanremo84portugal2

Niettemin kon de buitenwereld nog maar weinig merken van de ingrijpende wijzigingen. Testvoertuigen werden in een Sport Quattro carrosserie gehuld en verraadden zich enkel door een elementaire roof scoop. Zowat de meeste mechaniek, waaronder de beresterke vijfpitter, was afkomstig van de gewone auto, maar er bestond de minste twijfel dat de nieuwe configuratie een pak sneller zou zijn. De bewezen mechaniek was al even betrouwbaar als voorheen en al snel diende uitgebreid testwerk zich op. Dat testwerk was voorzien in de buurt van Salzburg, alwaar Röhrl zijn eerste testkilometers met de revolutionaire Quattro zou afwerken. Zo ver kwam het echter nooit. Een van de buurtbewoners had de pers getipt en het wemelde er van de nieuwsgierige journalisten en fotografen. In allerijl keerde de karavaan zich dan maar richting thuisland waar een paar afgelegen kilometers in de Beierse Alpen soelaas moesten brengen.

walter2

Walter Röhrl wist er het volgende over: “The road was just old asphalt – normal second-category roads, with a bit of twisty stuff and some fast sections. The impression I got was really good – as good as the Sport Quattro E2 straight away, in fact. Many times I’ve had cars which you have tested for 40 days to get to the same level as the old one. But this one was really impressive. The engine felt the same, but the handling made all the difference for me. It was so much better in the twisty stuff and it didn’t get twitchy when the corners got faster. I remember the road wasn’t too far back over the German border. They were so keen for me to try the car they found a bit of open road, took out the car and we went for it. Nobody wasn’t expecting that, of course. But then after 40 or 50 kilometres I came over a brew and saw the police. I stopped and asked them, ‘Why are you here? Did you know I was coming along this road?’, and they said, ‘No, we didn’t know in advance. But we’ve heard you coming for the last 10 minutes!’ They wanted to take a photo but I pleaded with them not to. So they said, ‘Okay, Mr Röhrl, you can go and we won’t take any pictures. But first we want to see you do a proper race start!’ It was a good day”.

83sanremo

85portugal_serv83elfenb

Hun euforie was niettemin van korte duur. Een gewiekste fotograaf had het geheime prototype alsnog kunnen fotograferen en een paar dagen later verschenen de foto’s in een Oostenrijks magazine (waarvan onderstaande foto). Het verhaal bracht Piëch in een lastig parket en zette het project ogenblikkelijk op de helling. Want van bovenaf had Piëch te horen gekregen dat Audi zijn rallyactiviteiten eventueel al zou moeten stopzetten. Maar wanneer toenmalig VW opperhoofd Carl Hahn van het geheime prototype te horen kreeg, ging het pijlsnel bergaf. Niet minder dan 48 uur na het verschijnen van de foto’s werden alle prototypes onder toezicht van Piëch ontmanteld en vernietigd.

Mid engined

Enkele jaren later dook alsnog een geheim ‘Group S Prototype’ op. Zo geheim zelfs dat Piëch er nooit iets over geweten heeft. Centraal de geblazen vijfcilindermotor met vermogens tot 1.000 pk en veel onderliggende (Sport) Quattro-techniek. Uitzondering was de experimentele DSG-bak die naar alle waarschijnlijkheid te exotisch was om onopgemerkt te doen verdwijnen. Met het Groep S Prototype is nooit gereden, getuige de 12 km op de kilometerteller van de auto zoals tentoongesteld in Audi’s museum in Ingolstadt. Als bastaardkind weggedrukt in een donker hoekje. Maar echt kans heeft de auto nooit gehad. Group S was de geplande opvolger van het Group B-kampioenschap, dat op zijn beurt wegens te gevaarlijk werd stopgezet. Met andere woorden, het doodgeboren kind had zelfs onder officieel toezicht van de Audi-top nooit een internationaal rallyparcours gezien. ‘Röhrl’s feet never got to dance these pedals’, jammer maar helaas.

page7

Share Button

7 Responses

  1. Leuk om te lezen, had er zelf ook nog nooit van gehoord.

    Ben wel van mening dat wat Audi ook geprobeerd zou hebben, ze op tenminste één vlak de Lancia 037 nooit zouden hebben kunnen overtreffen: Sex appeal. Onze oosterburen weten als geen ander alle sex appeal uit een auto te over-engineeren…

    • Stijn says:

      Ben ik het niet mee eens, je moet kijken van welke wagen is vertrokken. De reeds fraaie Monte Carlo of de hoekige Audi Coupé. De Quattro’s hadden misschien minder flair maar waren wel zeker en vast stoer. De 037 is ook mijn favoriete groep-B maar het hangt allemaal van het basismodel af. Want had een Fiat 131 Abarth dan zoveel sex-appeal?

      O.a. Porsche bewees toch in de jaren ’60 (904, 906, 908 coupé, 910, 917,…) zéér welgevormde en sexy racewagens te kunnen bouwen als je van een leeg blad mag beginnen.

      • Daarmee noem je ook net een aantal auto’s uit waarbij de technische aspecten nog niet tot op ‘t laatste detail met de computer doorgerekend werden.
        Als ik ‘t goed inschat, kwam er nog veel ‘Fingerspitzengefühl’ aan te pas. Daarom zijn die auto’s in mijn ogen ook nog zo aantrekkelijk.

        • Stijn says:

          Klopt helemaal van dat laatste. Maar welke Italiaanse racewagens hebben vandaag nog sex-appeal (of meer dan hun Duitse collega’s?). De gloriedagen waren er voor iedereen, de ondergang spijtig genoeg ook…

  2. Jeroen Booij says:

    Voor zover je respect voor een machine kunt hebben (dat kan natuurlijk niet, wat een onzin weer) heb ik dat toch ergens wel voor Audi’s groep B auto. De S1 is een pig ugly vorm volgt functie ding maar, hemel, wat een griezelig bruut apparaat is het tevens. De auto waar Audi Mobile tradition mee op evenementen verschijnt wordt niet uitgeleend behalve aan Walter Rohrl en dus ben ik eens op zoek gegaan naar een ander. Niet makkelijk. Uiteindelijk toch eentje gevonden, en goeie grutten, dat was wat. Turbogaten worden niet groter, acceleraties worden niet heftiger. Het is in alle opzichten een levensgevaarlijke auto, niet alleen omdat hij zoveel kracht, maar vooral ook omdat hij zoveel grip heeft. Ik heb dit Group S ding een keer zien staan en hij ziet er nog veel lichter uit dan een S1 en is extreem kort. Een zelfmoordenaar op wielen.

  3. Pieter Ameye says:

    Nog extra plaatjes

Leave a Reply