DRIVR

Infiniti: Past, Present & (Belgian) Future

Of er zoiets bestaat als een toverformule om het Duitse establishment op de knieën te krijgen? Uiteraard niet. Dat hebben enkele ambitieuze merken niet alleen proefondervindelijk mogen ondervinden, het idee alleen is gewoon nonsens. Want zelfs al lever je kwaliteitsevenwaardige producten, dan nog zijn er tal van factoren die je als merk niet of nauwelijks in de hand hebt. Zelfs het prestigieuze (en bovenal Duitse) Maybach werd met die harde economische realiteit geconfronteerd en wacht intussen bang zijn lot af. Het is dus meer dan de som van de onderdelen die maakt dat een nieuwkomer succesvol wordt. En laten ze dat bij Infiniti gelukkig begrepen hebben.

infiniti_q45

Bij zijn oprichting in 1989 moest Infiniti (als luxe-dochter van het toen nog onafhankelijke Nissan) een tegengewicht vormen voor Acura en Lexus. Ergo: met de Noord-Amerikaanse upscale divisies van Honda en Toyota concurreren. Al snel werd het merk een gevestigde waarde en wist het zijn stempel te drukken met de Q45, een luxueuze sedan met bijna 300pk en tal van technologische snufjes. Later zou de QX4 dat succes nog eens overdoen als een van de allereerste midsize SUV’s – zeg maar een X5 of ML avant la lettre. Eind jaren ’90 vielen de verkopen van Infiniti echter tegen, en kreeg bovenstaande Q45 zelfs spottend het etiket ‘Japanese Lincoln’ opgeplakt.

m35h_030_lores

m35h_017_loresm_my10_int_002_lores

De kentering kwam er begin jaren 2000 met de komst van het FX-model; een fel uit de kluiten gewassen SUV die nog het best kan doorgaan als inspiratie voor de BMW X6 en Porsche Cayenne. Met zijn forse maar gedrongen proporties, agressieve snuit en LED-lichttechnologie waren de Japanners de concurrentie opnieuw een stap voor. Het succes van de FX was dan ook groot. Zo groot zelfs dat tal van exemplaren via grijze import hun weg naar het oude continent vonden, waardoor de exotische FX ook bij ons in het straatbeeld opdook. Het succes in Rusland en het Midden-Oosten (landen waar de gemiddelde brandstofprijs minder doorweegt), zorgde er mee voor dat Infiniti in 2008 de stap naar Europa zette – zij het niet zonder een weloverwogen businessplan (met onder meer een dieselmotor) en een filosofie die haaks op die van de concurrentie staat. Alles draait dan ook rond een persoonlijke aanpak met vergaande details die eerder in de allerhoogste klassen thuishoren.

fxd_my10_ext_012_lores

fxd_my10_ext_015_loresfxd_my10_ext_013_lores

Eerst en vooral wordt er niet met verkopers maar met ‘ambassadeurs’ gewerkt. Klinkt verwaand, maar is het niet. De ‘ambassadeur’ is in de eerste plaats een aanspreekpunt en blijft bij zowel voor als na de verkoop ter beschikking. Hij is het ook die de heuse ceremonie leidt die met elke overhandiging van een nieuwe auto gepaard gaat, volledig naar Japanse traditie zoals het Infiniti’s voorschriften betaamd. Merk daarbij ook het gebruik van de paarse kleur op die in Japan koninklijke luxe symboliseert. En toch krijgen de dealers ook zekere vrijheden: zo zal elk agentschap kunnen kiezen uit een door Infiniti samengestelde catalogus waarmee ze hun concessie kunnen inrichten. Kosten noch moeite worden gespaard om de total ownership experience te perfectioneren. Volgens die TOE heeft iedereen die een Infiniti koopt recht op een jaarlijkse ‘collect and return‘ waarbij het merk voor een klein of groot onderhoud de wagen thuis komt ophalen, het nodige onderhoud uitvoert en vervolgens terugbrengt. Eveneens inbegrepen is een intercontinentale pechverhelpingsdienst waarbij een gelijkaardige Infiniti ter beschikking wordt gesteld. En zelfs dan gaan de Japanners verder dan wie ook, want wie als Infiniti-eigenaar bijvoorbeeld op reis is met een auto van een ander (merk), heeft alsnog recht op dezelfde voorwaarden. Diensten die de Duitse drie, onder andere door hun omvang, moeilijk kunnen leveren.

infiniti_g_coupe_03_077_08hires

infiniti_g_coupe_07_081_08hiresinfiniti_g_coupe_12_086_08hires

Dit alles is bovendien geen excuus om met markt-irrelevante producten voor de dag te komen. De (technologische) basisuitrusting is immers fors, de prijs scherp, de afwerking (intussen) hoog en ook een drieliter diesel en hybride hebben ondertussen de rangen vervult. Er wordt zelfs gesproken over een heuse performancetak à la M of AMG in vergaande samenwerking met Red Bull. En wie was de goddelijke Essence-concept intussen al vergeten? Stilaan bouwt het merk ook zijn verkooppunten uit met binnenkort vestigingen in de regio’s Namen, Hasselt en Gent. Opmerkelijk is dat het merk helemaal niet groot wil worden. Ze gaan er immers vanuit dat hun bescheiden positie net bepaalde voordelen biedt ten opzichte van de gevestigde waarden. En wanneer is de laatste keer dat we zoiets gehoord hebben? Op en top Japans en al even apart als we van hen gewoon zijn. Zo bijzonder zelfs dat Infiniti intussen wereldwijd verkocht wordt… behalve in het thuisland Japan zelf. Geef ze daarom een kans, we hebben tenslotte al voldoende eenheidsworst.

Share Button

2 Responses

  1. Ken Divjak says:

    Toch interessant vanuit autojournalistiek standpunt, zo’n relatief jong automerk (ook al zit er veel Nissan onder). Goed ook dat er eindelijk een diesel is, minder dat die momenteel enkel als drieliter bestaat. En trouwens dank aan Infiniti België om de QX hier nooit ofte nimmer aan te bieden…;)

    rsixju50

    Wat trouwens gedacht van de Etherea Concept die we morgenavond live mogen bepotelen?

    INFINITI Etherea Concept

    infiniti_etherea_concept_01
    infiniti_etherea_concept_2infiniti_etherea_concept_3

    Een rivaal voor de BMW 1-reeks en Lexus CT200h, zo zien ze het bij Infiniti toch. Waarschijnlijk doelen ze daarmee op zijn sportieve credenties en het feit dat er een hybride aandrijflijn onder komt te zitten. Misschien wel het meest opzienbarende is dat Infiniti erin geslaagd is de Etherea er veel groter te doen uitzien dan hij in werkelijkheid is (4,2m lang). De algehele styling is dan weer gebaseerd op het Essence Concept. Met name zijn kenmerkende C-stijl is iets wat we op toekomstige Infiniti’s zeker zullen terugzien. [Pieter Ameye]

  2. Gideon says:

    Ik krijg nog steeds een glimlach als ik een FX35 hoor rijden. Dat “Total Ownership Experience” lijkt trouwens verdacht veel op het Red Carpet Treatment van Lexus.

    Tja, de QX, ik vind ‘m niet lelijk, maar ben ik de enige die vind dat hij enorm op de Land Cruiser lijkt?

Leave a Reply