Pieter Ameye Oct 27, 2011
Eerste Test: MINI Countryman Cooper SD All4
25pk en 36 Nm – dat is de vermogensdecalage tussen de Countryman Cooper D en deze (fiscaal gefnuikte) Cooper SD All4. Niet meteen wat je grensverleggend noemt. Tel daar het meergewicht van 20kg en de meerprijs van 6.650 euro bovenop, en je hebt een Countryman die schijnbaar meer vragen oproept dan antwoorden geeft. Want waarom gooit BMW hier niet de volle 163pk en 380Nm in? Kwestie van de rode lettercombo naast de sierlijke lay-out en dito opsmuk ook de nodige cojones mee te geven, toch?
Dat de meningen over MINI’s grootste gepolariseerd zijn, mocht ik de afgelopen testperiode nog maar eens ondervinden. Maar tegelijkertijd: aan aandacht geen gebrek voor deze opvallende verschijning, vooral dankzij het uit de kluiten gewassen uiterlijk, prominente snoet, dubbele sieruitlaten en (in ons geval) flitsende two tone – inclusief zwarte 17 duimers. Of die opsmuk onze MAXI ook ‘mooi’ of ‘schattig’ maakt, laten we veiligheidshalve in het midden.
In ieder geval ligt de aaibaarheidsfactor van het interieur een pak hoger, niet in het minst omdat 95% rechtstreeks overgenomen wordt van de stalgenoten. En dat is zeker geen schande; het geheel oogt nog altijd fris en de materialen zijn stilaan hun premiumprijs waard. Uitblinker blijft het (optionele) infotainmentsysteem dat zowel flitsend als handig in gebruik is. Een laatste voetnoot gaat tenslotte richting aangename sportstoelen en dito stuurtje.
Over de combinatie van de tweeliter turbodiesel en 1.500kg zijn we minder te spreken. Enerzijds valt het vermogen voor een S-model licht uit, anderzijds is het motorblok (ondanks de vrijgekomen ruimte ten opzichte van de hatch) toch nog karig geïsoleerd waardoor tal van vibraties en geluiden binnendringen.
Insturen doet de Countryman gelukkig wel goed, al geeft de massa zich relatief snel over aan de wetten van Newton. De ophanging zweeft dankzij een combinatie van lange veren en stugge dempers op de gulden middenweg, en komt alleen bij laterale oneffenheden in het bochtenwerk van de wijs. Tenslotte schittert de manuele zesbak als vanouds, en ook de hernemingen zijn dankzij het riante koppel bijzonder aangenaam. De All 4-vierwielaandrijving verdeelt de krachten verder optimaal, maar blijft ons inziens een tikkeltje overbodig in West-Europa. De Countryman SD is dus niet vies van een tegenstelling, niet in het minst door de badge die vooral als een eufemisme gezien moet worden.
MINI Countryman Cooper SD All 4
| Plus | Min |
| + Countryman double D | - Mist kracht en motorraffinement |
Weggecijferd
| Motor | 2.0 4-in-lijn turbo diesel |
| Aandrijving | 4×4, niet permanent |
| Vermogen | 143 pk (teruggeschroefd naar 136pk) (@ 4.000 tpm) |
| Koppel | 305 Nm (@ 1.750 tpm) |
| Gewicht | 1.470 kg |
| Transmissie | 6-bak, manueel |
| CO2-uitstoot | 130 g/km |
| Acceleratie (0-100 km/h) | 9,4 s |
| Topsnelheid | 195 km/h |
| Gem. testverbruik | 7,1 l/100 km |
| Prijs | 31.000 euro |
Verdict
![]()






In het licht van de laatste zin uit onze Cooper SD hatch-test…
… valt dat toch wat tegen.
Geen flauw idee waarom BMW zijn tweeliter turbodiesel niet beter isoleert in de MINI’s
(terwijl daar in de Countryman toch voldoende ruimte voor is).
Of ze hun SD-diesel zo wat ‘sportiever’ willen laten overkomen?
Dan raden we toch een workshop bij de geluidsingenieurs van de VW Golf GTD aan…
Als er echt niemand is die nog geïnteresseerd blijkt in de elfendertigste, versie van de Mini is er nog altijd Djivy met een kritische bedenking!
Zeer sterk die gedrevenheid en passie! Respec
Sterk Johnnyboy, dit zal wel volstaan als sollicitatie voor de openstaande vacature van huiscolumnist.:-).
Ik zit trouwens ook vol spanning te wachten op het verdict van de lokale (Röpcke-iaanse) recensent aangaande de film “DRIVE”.
Off the record kan ik TINTIN: The secret of the unicorn warm aanbevelen.:-)