DRIVR

Eerste Test: MINI Coupé Cooper S

Zijn entree heeft hij in elk geval niet gemist, de MINI Coupé. Na twee jaar heen-en-weergedebatteer over of je hem nu mooi of lelijk vindt of het liever op een diplomatisch ‘apart’ houdt, kan je het pleit eindelijk in levenden lijve gaan beslechten. Wij maakten liever van de gelegenheid gebruik om uit te zoeken of de Coupé Cooper S anders rijdt dan de Hatch, een DRIVR die bij collega Pieter Fret bijzonder in de smaak viel.

De Coupé gewoon een Hatch met een ander dak noemen, is overigens iets te – sorry – kort door de bocht. Het onderstel is dat van de Cabrio, omdat die de nodige stijfheid biedt voor de nieuwe, niet-steunende dakstructuur. Dat dak noemt MINI een helmet roof, geschraagd door een schuinere voorruit en een eveneens schuin aflopende achterruit. Kers op de nieuwe achterklep is de achtervleugel, die vanaf 80 kilometer per uur – of via een showoff-schakelaar – automatisch omhoog komt en de opwaartse druk vermindert.

Op de One, One D en Cooper D na kopieert de Coupé alle motoren van de Hatch. De Cooper S krijgt dus de geblazen 1.6 van 184 pk (163 pk in onze testwagen) en 240 Nm (260 in overboost) onder de kap, op papier goed voor een sprint naar 100 in 6,9 seconden en een topsnelheid van 230 kilometer per uur. Nauwelijks sneller dan de Hatch dus: door de extra verstevigingen ter bevordering van de koetswerkstijfheid sleept de Cooper S Coupé een goeie 30 kilogram extra mee.

In de praktijk merk je dat gelukkig niet: de Coupé komt in alle versnellingen snedig uit de hoek – al heeft dat een verbruik van 8,2 liter tot gevolg. Sinds de facelift van de Hatch lijkt het trouwens wel goed te komen met de beruchte koppelreacties: die blijven bij volgas veel langer achterwege. Daardoor, en ook door de ultrastrakke ophanging, stuurt de Cooper S heerlijk direct. Al geldt dat niet merkbaar meer dan voor de Hatch, wat ons met de vraag achterlaat wat de meerwaarde van het Coupé-concept precies is.

Ook de mindere kantjes neemt de Coupé immers over van zijn klassiekere stalgenoot. Zo blijft de keerzijde van de stugge demping dat de voorwielen op slecht wegdek af en toe in de problemen geraken. Zeventienduimers en het sportonderstel laat je maar beter links liggen, als je wil vermijden dat je elke dwarsnaad van een Belgische betonbaan kunt tellen. Wel laat de ploffende uitlaat zijn stem iets nadrukkelijker horen door de dunne scheidingswand tussen het interieur en de koffer.

Binnenin sluit je nog andere compromissen: een laag dak – en dus tricky instap – maar dezelfde zitpositie als in de Hatch, en een brievenbusblik door de achterruit – zeker met de achterspoiler omhoog. Tel dat op bij een achterbank die schittert door afwezigheid en een – daardoor op papier ruimere – koffer die smal, vlak en op een doorlaadluikje na niet te moduleren is, en het verdict is duidelijk: function follows form. Wie zich daarin kan vinden, krijgt met deze Coupé Cooper S een opvallend alternatief in het MINI-gamma. Wie die toegevingen liever niet wil doen, houdt het beter bij de minstens even DRIVR-waardige Hatch.

MINI COUPE COOPER S

Plus Min
+ Een echte Cooper S… – …die de nodige compromissen vraagt

Weggecijferd

Motor 1.6 4-in-lijn turbobenzine
Aandrijving Voorwielen
Vermogen 163 pk
Koppel 240/260 Nm
Gewicht 1250 kg
Acceleratie (0-100 km/h) 6,9 s
Topsnelheid 230 km/h
Gem. testverbruik 8,2 l/100 km
C02-uitstoot 136 g/km
Prijs 26.600 euro
Fiscale pk 9

Verdict
8 op 10

Share Button

4 Responses

  1. Pieter Fret says:

    Ik ben inderdaad een fan van de Hatch, maar van de Coupé snap ik het punt niet. Waarom meer betalen voor een auto die minder praktisch, zwaarder en (mijns inziens) lelijker is, en toch niet sneller of strakker rijdt? Ik zie geen voordelen?

    Ik denk dat de Roadster, die een stuk knapper oogt en allicht niet meer zal wegen dan de Cabrio, een beter aanbod wordt.

    • Bart M. says:

      De meeste Mini-kopers zien niet naar gewicht of hoe dit rijdt. En hoe het eruit ziet, smaken verschillen. Mini verkoopt vooral op imago, wat niet wegneemt dat ze behoorlijk goed rijden.

  2. Ken Divjak says:

    “Sinds de facelift van de Hatch lijkt het trouwens wel goed te komen met de beruchte koppelreacties: die blijven bij volgas veel langer achterwege.”

    Terechte pluim:

    ik heb de SD-versie van deze Coupé al kort gereden, en ook daar blijft de vooras wonderwel vrij van koppelreacties – ondanks het surplus aan Newtonmeters.

    • Wim Bervoets says:

      Dat was hetgene waar ik op voorhand het meeste schrik voor had, m’n laatste test-Cooper S indachtig (een Hatch uit 2008). Je moest er nu bijna echt naar op zoek gaan.

Leave a Reply