DRIVR

Slaagkansen EV’s onderzocht op Sociale Media

De verkoop van EV’s (elektrische voertuigen) blijft onder de verwachtingen. Alleszins lager dan wat kan worden afgeleid uit marktonderzoek naar EV-koopintenties. Het op de markt brengen van auto’s met alternatieve aandrijfsystemen is een ingewikkeld marketingexperiment. Ervaring leert dat bij marktonderzoek naar milieugerelateerde producten het ecogeweten van de consument systematisch wordt overschat. Ondervraagden geven sociaal verantwoorde antwoorden in lijn met courant politiek correct denken.

Zo bleek uit marktonderzoek dat een grote meerderheid van de consumenten bereid was om duurdere, maar mileubewuste spaarlampen te kopen. In werkelijkheid was die bereidheid er niet. De falende vraag naar spaarlampen leidde uiteindelijk tot een Europees productieverbod voor gloeilampen (met uitzondering van schokbestendige lampen voor industrieel gebruik).

Alternatief marktonderzoek

Om bovenstaande valkuilen bij klassiek marktonderzoek te vermijden, maakt het Franse onderzoeksbureau Dynvibe gebruik van sociale media. Het systeem wordt aangeboden onder de naam “strategische waakzaamheid”. Het onderzoek is gebaseerd op de observatie, evaluatie en analyse “op ware grootte” van de communicatie op sociale media over een bepaalde situatie of product. Volgens de onderzoekers drukken internauten zich op de sociale media vrijer uit dan bij klassiek marktonderzoek.

Recent heeft Dynvibe op die manier onderzoek gevoerd rond het onderwerp “Frankrijk en de elektrische auto: Voor vandaag, voor morgen of nooit?”. Volgens de onderzoekers gaar het voor de eerste maal over een onderzoek “op ware grootte” over een markt met een groot aantal paradoxen. In totaal werden gedurende twee maanden 16.280 conversaties gevolgd. Daarvan werden er 1.115 weerhouden voor een grondige analyse. Het onderzoek werd opgedeeld in drie groepen: “waarnemers”, “testers” en “eigenaars”.

Waarnemers kennen de markt doorgaans goed en volgen de evoluties op de voet. Zij staan eerder sceptisch tegenover EV’s: onzekere markt, onvoldoende reikwijdte, te weinig laadstations, levensduur van de batterij en te hoge aanschafprijs. De “testers” tonen zich minder sceptisch en zijn bereid zich te laten overtuigen. Zij reageren doorgaans positief op uitgevoerde testritten en tonen zich aangenaam verrast – zonder zich daarom ook kandidaat te stellen voor een aankoop wegens bovenstaande nadelen. De “eigenaars” zijn uiteraard in de minderheid, maar daarom niet minder actief als internauten. Zij tonen zich tevreden over hun aankoop.

Over het algemeen zien internauten EV’s als een mogelijk alternatief voor de klassiek aangedreven auto en onvermijdelijk op langere termijn. Dat blijkt dan weer niet uit de bespreking van reële koopintenties: 66 procent is van oordeel dat het huidige EV-aanbod niet beantwoordt aan hun behoeften, in tegenstelling tot wat algemeen tot uiting komt bij klassiek marktonderzoek.

De ecologische voordelen komen in de sociale media nauwelijks aan bod. Of er wordt gewezen naar de CO2-uitstoot bij de stroomverwekking, het gebruik van weinig milieuvriendelijke materialen bij de productie en problemen bij de recyclage. In het algemeen lijken de voordelen van een lager verbruik echter de doorslag te geven, meer dan de kwalijke milieuaspecten. Uit de conversaties blijkt eveneens grote onduidelijkheid en onzekerheid over de totale kosten over de gehele levensduur van de auto, inclusief de restwaarde (TCO – Total Cost of Operation).

Paradox

Uit het onderzoek blijkt een ongewone paradox tussen de primaire doelstellingen van de autobouwers en de werkelijke behoeften van de consument. Autobouwers zien EV’s op de eerste plaats als stadsauto’s, terwijl juist appartementsgebouwen weinig mogelijkheden bieden voor privélaadstations. EV-marktstrategie richt zich in hoofdzaak op korteafstandverbruikers, met uiteraard te weinig jaarlijkse kilometers om de duurdere aanschafkosten te kunnen afschrijven. Een dagelijks woon-werkverkeer van bv. 50 km komt overeen met minder dan 12.000 km per jaar. En voor langere weekend- en vakantietrips schiet de autonomie dan weer tekort. Er lijkt dus nog behoorlijk wat werk aan de winkel, willen EV’s hun voorspelde succes benaderen.

DISCLAIMER: FCAR stelt zich als doel om door een koppeling van academische kennis aan praktische ervaring, een bijdrage te leveren tot het veilig stellen en verbeteren van de competitieve positie van de nationale assemblage-industrie. Met als voornaamste opgave de studie van productieprocessen en de economische, markt- en bedrijfsstrategische omgeving. Dit zowel voor de assemblage als voor toelevering. Voor meer info, klik HIER.

Share Button

One Response

  1. Ken Divjak says:

    “De ‘testers’ tonen zich minder sceptisch en zijn bereid zich te laten overtuigen. Zij reageren doorgaans positief op uitgevoerde testritten en tonen zich aangenaam verrast – zonder zich daarom ook kandidaat te stellen voor een aankoop wegens bovenstaande nadelen.”

    Absoluut: http://drivr.be/2012/09/18/smart-times-2012-mercedes-feestje-aan-de-schelde/

    Maar je moet al fameus vermogend én van groene wil zijn om – in het geval van de schitterende Smart ED – 20.000€ in een duozitter te steken die je transportnoden nooit 100% gaat bevredigen.

    En dat (prijs)probleem vergroot alleen exponentieel bij serieuzere vehikels:

    http://drivr.be/2012/08/21/test-chevrolet-volt-e-rev-range-extender/

    Als EV’s dus niet snel goedkoper worden (om ze echt als 2de wagen te rechtvaardigen), dan gaan de slaagkansen enkel nog verkleinen – ongeacht welke media ze bevragen.

Leave a Reply