DRIVR

Test: Caterham Seven SE 1.0 Ecoboost

Bij DRIVR houden we wel van een verrassing – vooral als ze vier wielen en een stuur omvat, en we de toestemming krijgen om ermee te rijden. Net dat was deze week het geval op en rond het Britse circuit van Brands Hatch, waar zich een bijzondere Caterham in een van de pitgarages bevond. In het vooronder: een experimentele versie van een de meest innoverende motoren van het moment, de Ford 1.0 driecilinder Ecoboost.

Caterham ecoboost

Tegenwoordig aanzien als mirakel van downsizing – maar in een niet zo ver verleden voorbehouden voor mediocre stadswagentjes – zijn de driecilinders resoluut op de retour. Technologische hoogstandjes maken dat de staafmixers van weleer getransformeerd worden tot geloofwaardige aandrijvers; zo perst deze 1.0 er met gemak 125pk uit, ofwel het equivalent van een atmosferische 1.6 viercilinder benzine. Het leverde Ford in ieder geval zo’n 16-tal wereldrecords op. De kleine krachtpatser ging bovendien met de Engine of the Year-award aan de haal, en liet daaarmee zelfs de 4,5 liter V8 van de Ferrari 458 Italia achter zich. Om maar te zeggen: niemand die er nog van verschiet dat zelfs de Mondeo binnenkort aan de driepitter gaat.

Caterham ecoboost

Bedenk daarbij dat Ford sinds jaar en dag motoren levert voor de Seven-afgeleiden van Caterham, en het is niet meer dan logisch dat The Fox Engine zijn weg naar vroeg of laar naar de frêle sigarencarrosserie zal vinden. De straatlegale Formule Ford die de Britten onlangs met hetzelfde blok uitrustten (weliswaar opgevoerd tot 205pk), was meteen goed voor een tijd van 7m22 op de oude Nürburgring – drie seconden sneller dan een Ferrari Enzo…

Caterham ecoboost

Caterham ecoboostCaterham ecoboost

Of het in dit geval om een eenmalige studie dan wel de basis van een toekomstige productie-Caterham gaat, kan of wil niemand voorlopig bevestigen. De motor is in ieder geval met zorg geïnstalleerd en staat in schril contrast met de haastig gemonteerde motorkap. Vlak voor Foxy in actie schiet, controleren de Ford-ingenieurs nog een laatste keer alle parameters via hun laptops – net als in de F1. En dan is het aan mij. Dat ik nog nooit Caterham gereden heb, is gelukkig geen al te grote handicap dankzij een hoop ervaring met een Lotus Seven uit de jaren ’60. Benieuwd hoe dat vergelijkt.

Caterham ecoboost

Caterham ecoboostCaterham ecoboost

Caterham ecoboost

Gevoelsmatig is het verschil met de nieuwe Focus ST (die we eerder op Indy-gedeelte van Brands Hatch konden proberen) in ieder geval markant. En ook al weet ik maar al te goed wat mij te wachten staat, het blijft aangenaam schrikken bij het eerste contact met het piepkleine stuurtje van de Cat’. Het beeld van een reus in een speelgoedauto dringt zich op; uiterst amusant, en tegelijk intimiderend. Stationair lijkt er verder weinig aan de hand, mede dankzij de gedempte uitlaatlijn. Bij het wegacceleren maakt de driecilinder het geluid van een labeurend naaimachientje en doet zo terugdenken aan de originele Seven. Knap. Op snelheid neemt het gefluit van de turbo dan weer toe, waardoor het mechanische geluid nog verder wegvalt. Al krijg je daar wel de expliciete ontlading van de dump valve bij gaswegname voor terug.

Caterham ecoboost

Brands Hatch is zomogelijk nog indrukwekkender wanneer je een paar centimeter boven het tarmac zweeft, met je haren in de wind. Het heeft de ganse nacht geregend, en ik heb zin noch toestemming om de limieten van deze one-off op te zoeken. Om maar te zeggen dat ik het in de bochten wat reserve laat. Per slot van rekening gaat de lichte en compacte driecilinder niets afdoen aan de fabelachtige circuitcredenties waar we Caterham sinds jaar en dag mee associëren.

Caterham ecoboost

En toch staan mijn trousers nooit on fire, hoewel ik het rechter- en middenpedaal nergens schuw. Eigenlijk blijf ik zelfs wat op mijn honger zitten; een perfect vlakke koppelcurve maakt immers dat er met een dergelijk vermogen geen sprake is van nekspierverschroeiende acceleraties. En dat terwijl de vederlichte Caterham bijna dramaloos gelijke tred houdt met de 250pk sterke ST. Niet de bedoeling van een funpakket, toch? Wat meer geweld, brutaliteit en – samengevat – sensatie zijn dan ook meer dan welkom.

Caterham ecoboost

Desalniettemin valt er in deze Seven een hoop plezier te beleven. De combinatie van het nieuwe met het oude, zoals het stuurgevoel, de stugge ophanging en de minuscule versnellingspook die beleid vraagt tijdens het schakelen – het is allemaal bijzonder innemend. Daarom had ik graag wat extra circuittijd gehad om met deze specifieke versie vertrouwd te geraken, en de dociele vermogensafgifte te compenseren met een armvol overstuur. Want in deze 1.0 Ecoboost zit wel degelijk een goede basis voor wat een fabelachtige rijschool zou kunnen zijn – mits wat extra peper.

[Deze test verscheen ook op Blenheim Gang // vertaling: Pieter Ameye]

CATERHAM Seven SV 1.0 Ecoboost

Plus Min
+ Voelt productieklaar – Mist peper

Weggecijferd

Motor 1.0 3-in-lijn turbo
Aandrijving Achterwielen
Vermogen 125 pk
Koppel 170 Nm
Gewicht 588 kg
Acceleratie (0-100 km/h) 6,1* s
Topsnelheid 180* km/h
Versnellingsbak 5-bak, manueel
CO2-uitstoot 105* g/km
Prijs 23.000* euro
(*) (geschatte waarden)


Share Button

9 Responses

  1. laurent says:

    23000 euro?? Zijn ze helemaal?? Tussen de 15 en 17000 euro lijkt mij toch het maximum voor zo’n featureloos bouwpakket…

  2. Ken Divjak says:

    Probleem is dat ‘Foxy’ een pak duurder is dan de uitgaande ‘Sigma’:
    4.500£ excl. btw voor de driecilinder versus 1.700 voor de oude vier.

    Dat lijkt ons dus inderdaad een grotere horde dan het (voorlopige) gebrek aan drama.

    Op Pistonheads liet ontwikkelingsingenieur Roger Ratley het volgende vallen:

    A lighter flywheel will take the maximum revs from the mid sixes to past 7,000rpm. It’ll even clear 8,000 with stronger valve springs. And of course there’s more power to come, given that the application in the Formula Ford made around 220hp, largely achieved by strapping on the bigger turbo from the 1.6 Ecoboost.“.

    Caterham zou binnen de week laten weten of ze ermee doorgaan…

    • bAAx says:

      Wat ze bij Pistonheads ook vermelden is

      “The Ecoboost engine is actually heavier than the standard Sigma, despite the lopped off cylinder, because it uses an iron block instead of an aluminum one.”

      En dat is voor mij toch wel een lichte teleurstelling. Het zwaartepunt zou ook nog een streepje hoger liggen doch het effect daarvan zal wel louter theoretisch zijn.

      Mogen we eigenlijk nog iets gunstigs zeggen over Ford na het Genk debacle? Ik denk het wel, uiteindelijk heeft engineering wellicht niets te maken met de management-afdeling.

  3. Thierry 911 says:

    Jammer dat het drivr gehalte van de test niet echt hoog ligt. Wel een fijne evolutie. Win win situatie zo.

  4. electroshock says:

    De ‘girl-pulling-ability’ is niet vertaald in de eindscore ?

  5. heidekonijn says:

    Leuk idee, maar te niche, zeker met een zwaardere motor. Kan mogelijk wel werken : mini dieseltje erin en gesloten -waterdichte- gestroomlijnde carosserie voor extreem laag verbruik, maar toch voldoende koppel om fun te zijn. Meeste forenzen zitten toch alleen in de wagen..

Leave a Reply