DRIVR

Recap: Tour Auto Optic 2000 (2017)

thumb_tourauto2017Meerdaagse regelmatigheidsrally’s winnen almaar meer aan populariteit. De Mille Miglia en Targa Florio of, iets verder weg, Carrera Panamericana staan intussen op lootjeslijsten van autoliefhebbers over de hele wereld. Maar ook bij onze zuiderburen kan je ieder jaar met je klassieker terecht voor een zevendaagse tocht door de mooiste Franse landschappen, met onder andere épreuves spéciales op het Circuit de la Sarthe – of toch het verkorte Bugatti Circuit in Le Mans. Getekend? Tour Auto natuurlijk.

route

Van 24 tot 30 april organiseerde Patrick Peter, hoofd van Peter Auto dat instaat voor Spa Classic en Le Mans Classic, de 26ste editie van de Tour Auto Optic 2000. Traditiegetrouw werden de auto’s voorgesteld aan het publiek onder de glazen koepels van het Grand Palais in Parijs. Na een korte nachtrust in de lichtstad vertrokken de 245 deelnemers in alle vroegte naar het Château de Neuville voor de officiële start. Een eerste special stage en het eerste evenement op circuit kregen de piloten nog voor de lunch voorgeschoteld. Dat die proeven meer zijn dan wat paraderen met oude voertuigen, bewijzen onderstaande beelden. Door het slechte weer, maakte menig bolide onzacht kennis met het Loire-landschap. Ook op het circuit van Le Mans maakten sommige coureurs spectaculaire schuivers. Eindpunt van de 525 km lange eerste stage was de Bretoense havenstad Saint-Malo.

ANT_6009 (Custom)

Op woensdag 26 april kwam de karavaan aan de start in Saint-Malo voor 519 km dwars door Bretagne. Met twee specials voor de gastronomische lunch in de citadel van Port-Louis in Morbihan ging de tocht verder naar Nantes, waar de eerste teams, na nog een speciale proef, in de late namiddag arriveerden aan het Château de Goulaine.

ANT_5882 (Custom)30 (Custom)

Een welverdiende nacht en een smakelijk ontbijt later nestelden de rijders zich opnieuw in hun cockpit voor de kortste etappe van de Tour Optic, nog steeds goed voor 405km. Een eerste proef in de buurt van de Abbeye Royale de Celles-sur-Bernes wekte ongetwijfeld de honger van de kandidaten op; een euvel dat snel verholpen werd met weeral een copieuze maaltijd. In de namiddag werd er koers gezet naar het circuit van Val de Vienne, waar een aantal races dienden gereden te worden. Voor de overnachting viel de keuze op Limoges, hoofdstad van de vuurkunsten, zo genoemd omwille van de bloeiende porseleinindustrie in de stad.

21 (Custom)31 (Custom)

De voorlaatste dag diende zich aan met opnieuw twee proeven voor de middagstop in de abdij van Loc-Dieu, waar bij het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog meer dan 3000 werken uit het Louvre werden ondergebracht, waaronder de Mona Lisa van da Vinci. Ook later op de dag werd de teams geen rust gegund. Ditmaal was het Circuit d’Albi het toneel voor enkele races. Na 466km was het tijd om de wagens achter te laten in het gesloten park op de Esplanade Georges Valleray in Toulouse. Vroeg naar bed was de boodschap, want de laatste dag beloofde loodzwaar te worden.

31 (1) (Custom)

De laatste, en tevens langste dag van het evenement, telde 3 épreuves spéciales op afgesloten wegen, waarvan de laatste twee na het ondergaan van de zon. Veel tijd om uitgebreid te tafelen was er dan ook niet, en zo genoten de equipes van een picknick met zicht op de Pyreneeën, waarna ze zich naar belangrijkste stad aan de Baskische kust repten, Biarritz. Onderweg was er nog een race op de omloop van Pau-Arnos. Aangekomen in Biarritz hadden de piloten en bijrijders slechts enkele uren om te rusten en zich voor te bereiden op de twee nachtproeven die nog afgelegd moesten worden. Het was bijna middernacht toen de laatste, bestofte wagens Biarritz terug binnenreden. De uitgeputte mannen en vrouwen koden eindelijk genieten van rust en stilte, maar maakten allicht al plannen voor een volgende editie. Maar eerst moesten er verhalen verteld en ervaringen gedeeld worden onder een nachtelijke Zuid-Franse hemel.

22 (Custom)

De auto’s die voor deze editie werden toegelaten, zijn gebouwd tussen 1951 en 1973, hoewel ook een aantal jongere wagens deelnamen aan de rally. Officiële partner BMW was goed vertegenwoordigd met de 1600, 2002Ti, 2800CS, 3.0CSL en een M1. Ferrari vierde zijn 70-jarige bestaan met 27 ingeschreven voertuigen, waaronder een 166MM Barchetta Touring en een 250GT Berlinetta die in 1960 de Tour de France Automobile won. Naar goede gewoonte werden ook dit jaar de schijnwerpers gericht op een bepaald type van auto. Dit jaar viel die eer te beurt aan verdwenen Franse merken: BSH, kitcars op basis van Gordini R8 onderstellen; Automobiles CG, die mee aan de wieg stonden van de befaamde Alpine; DB, sportwagens die motoren gebruikten van Panhard; Hotchkiss en Ligier, om er enkele te noemen. Verder namen er 7 Shelby Cobra’s, 4 Ford GT’s, 11 E-types en heel wat Porsches (550 RS Spyder, 904 GTS, 2.7 RS, 911) deel aan de Tour Optic. De lijst werd nog vervolledigd door AC, Alpine, Aston-Martin, Fiat, Ford, Lotus, Mercedes, Mini maar ook Peugeot en Renault.

12 (Custom)15 (Custom)

11 (1) (Custom)14 (Custom)

Onder de deelnemers zelf enkele bekende namen. Zo kroop Ari Vatanen achter het stuur van de BMW M4 ‘bezemwagen’. Derek Bell, vijfvoudig Le Mans-winnaar, ging de uitdaging aan in een Porsche 911 3.0RS; Coldplay-bassist Scot Guy Berryman verkoos een Ferrari 246 Dino; Alexandre, zoon van acteur Claude Brasseur kwam aan de start met een Jaguar Mk 1 en ook de Vlaamse muziekscène werd vertegenwoordigd door Koen Buyse, als co-piloot naast Bernard Filliers van de gekende jeneverstokerijen, in een Porsche 911 2.0.

11 (Custom)

[Foto’s: Tour Auto]

Share Button

Leave a Reply