Share a little biographical information to fill out your profile. This may be shown publicly.

 

We sturen je per e-mail een wachtwoord toe. Soms komt deze e-mail in je spambox terecht.

Vijftien jaar geleden was een Porsche kopen eenvoudig: “Een zwarte alstublieft.” En dat was dat. Snel vooruit naar 2005 en de brochure telt niet één maar drie modellen, 793 combinatiemogelijkheden en een witte pagina, getiteld ‘Verwacht in 2009’.

Ben ik de enige die iedere verbastering van de 911 gelijkstelt aan heiligschennis? Vinden jullie ook niet dat de Boxster (hoe competent ook) een tikkeltje verwijfd is? Dat de Cayenne (hoe snel ook) veel weg heeft van een stuk Alp? En dat een vierdeurs-Porsche (hoe logisch ook) op z’n minst voor een paar gefronste wenkbrauwen zal zorgen?

In tegenstelling tot de productierealiteit is het idee van een familie-911 veel ouder dan dat van een budget-roadster of teutoonse SUV. Pinifarina kribbelde al in de jaren ’60 aan een dergelijk model maar geraakte nooit verder dan een schets en het acroniem B17. Tien jaar later was het de beurt aan een handvol Porsche-ingenieurs maar ook zij strandden met de handen in het haar; een klassieker hertekenen bleek een harde noot. Voor de eerste succesvolle poging moeten we naar 1984; het jaar dat John De Lorean veroordeeld werd voor cocaïnebezit, Michael Jackson z’n haar verloor in een mislukte Pepsi-commercial en meteen ook de 75ste verjaardag van Ferry Porsche. Geen beter cadeau dan het onmogelijke, dachten de constructeurs en ze schonken Ferry de eerste en enige vierstoelige 928.

Gefascineerd door het concept van een nieuwsoortige 911 rakelde CEO Arno Bohn de oude plannen in 1990 weer op… en stortte het Zuid-Duitse bedrijf quasi in een faillissement. Vreemd genoeg houdt Porsche tot vandaag vol dat het enige 989-prototype vernietigd werd zonder ooit aan de pers voorgesteld te zijn. Djivy-lezers weten natuurlijk beter; op z’n minst één Duits magazine heeft de excentriekeling begin jaren ’90 gefotografeerd en verschillende bronnen bevestigen dat het prototype nog altijd ergens diep onder de Porsche-Strasse resideert, inclusief vier deuren en evenveel zitplaatsen.

De hamvraag blijft natuurlijk waarom een plan dat Bohn vijftien jaar geleden z’n positie kostte, vandaag wel rendabel zou zijn. Eerst en vooral gaat het Porsche vandaag meer dan goed; de kleine constructeur geldt niet voor niets als meest winstgevende autobouwer wereldwijd. Ten tweede heeft de Cayenne bewezen dat er effectief een cliënteel is dat vijf deuren en vijf zitplaatsen zònder achtermotor weet te appreciëren, hoe vreemd het ook klinkt. Tot slot past de Panamera perfect in Wiedekings plan om z’n sportmerk zo breed mogelijk te positioneren, en dat lukt natuurlijk niet met een 911 waarvan je alleen de kleur kan kiezen….