Share a little biographical information to fill out your profile. This may be shown publicly.

 

We sturen je per e-mail een wachtwoord toe. Soms komt deze e-mail in je spambox terecht.

Tekst: Cedric DervoigneFoto’s: Djivy

En of hij gehaast is! Elke seconde telt. Hij draait linksaf, accelereert plankgas tot snerpende 6500 toeren en lepelt hem nonchalant in z’n twee. Klinkt lekker! Het aantal volle lijnen dat eraan moet geloven, is niet meer tellen. De claxon steevast in de aanslag, het raampje open en de dure zonnebril op het voorhoofd scheurt hij door het drukke verkeer naar zijn rendez-vous…

Zo spotte ik mijn allereerste Brera in het wild. In Milaan natuurlijk.

In ons landje zie je ze nauwelijks. Ik gok op maximum tien stuks wat onze duchtig bereden testweek tot een gunst aan de mensheid promoveert. Welk zichzelf respecterend autoliefhebber laat de Brera immers ongemerkt voorbijgaan? Allemaal hebben ze hem gezien, en zijn meteen geïnspireerd voor een babbel aan de toog.

Waarom wij Belgen zo zelden op dit staaltje Italiaanse verrukking getrakteerd worden? Omdat wij te rationeel zijn. Aan de looks zal het alvast niet liggen. Wie de zes ronde komplampen, de prominente Alfa-grille en de gewelfde motorkap in zijn achteruitkijkspiegel ziet opdoemen, zet onverwijld een stap opzij. Maar is dat uit respect of om de controversiële achterkant nog eens te aanschouwen? Die zet het grootste euvel van de Brera visueel in de verf, namelijk obesitas – in combinatie met een karakterterugval en toegenomen germanisering. Of hoe verklaar je anders die nederlaag aan de lichten tegen een dieselhatch uit Beieren? Een beetje als een glimmende Ferrari die de duimen moet leggen voor een discrete Mercedes uit AMG-land. Awoert!

En wat gedacht van het ooit koude interieur van deze Milanees? De initieel aangeboden combinaties spraken boekdelen: van moeilijk combineerbaar blauw/blauw over überconservatief zwart/grijs tot het bijkans wansmakelijke beige/bordeaux. Maar dat heeft Alfa vandaag goedgemaakt met het ravissante ‘Unica’-programma waarmee deze Italiaan zich weer helemaal heeft ingekocht in het selecte clubje stijliconen dat onze moderne automobielwereld rijk is.

Wie niet in de dure personaliseringsmogelijkheden wil duiken, krijgt beterschap in de vorm van een modeljaarwissel – mét (eindelijk) hertekende sportstoelen en een herkauwd kleurenpallet. To be reviewed deze zomer in de gedaante van een dakloze variant.

Maar slecht is de Brera geenszins. Integendeel; hij stuurt scherp en ultradirect, produceert een mooi resonerende symfonie en is volledig uitgerust. Denk elektrisch-lederen zitmeubilair, een glazen skyview-dakpaneel met elektrisch zonnerollo, navigatie met bluetooth en stemsturing, fraai glimmende zeventienduimers en een een ongezonde dosis elektromotoren. Zoemend, krijsend en schurend: allemaal debet aan het loodzware gewicht van deze contemporaine gran tourismo. De beloofde gewichtsafname van de nieuwe modeljaarwissel zal dan ook geen wonderen verrichten. Al is er voor de 3.2 wel goed nieuws; die kan zijn vierwielaandrijving inruilen voor een Q2-differentieel dat het doorspinnen van van de voorwielen in bochten verhindert.

Flitsende hernemingen of snelle spurtjes moet je onze 2.2 viercilinder dus niet gebieden. De 185 paarden willen wel, maar kunnen niet. En ook de Selespeed-bak van de tweede generatie is niet supersonisch maar voldoet ruimschoots om de trage Italiaanse syncro’s van weleer te doen vergeten, met uitzondering van de beweging één naar twee. De mooi glimmende joystick kreeg trouwens het enige juiste schakelpatroon mee: naar voor tikken om terug te schakelen. Toch niet zo moeilijk?

Deze JTS overtuigt dus gewoon door zijn gezapige boulevardkarakter en trakteert de toeschouwers daarbij op een mooie octaanmelodie. Aan relatief hoge prijs welteverstaan. Of hoe bestempel je een testverbruik van 11.6l/100km anders?

Het feit dat Alfa nog een andere bloedstollende coupé in zijn gamma heeft, maakt de keuze er niet makkelijker op. Broedermoord of voor ieder wat wils? De GT is handiger, goedkoper en past met zijn kleine oliestoker nog net in een handvol leasingportefeuilles. De Brera is een echte vrijetijdswagen met de zeldzaamheid van enkele tot de verbeelding sprekende Italiaanse namen.

En ook binnenin zijn er geen kapitale fouten te bespeuren. Akkoord, lange mensen zitten met hun hoofd tegen de dakrand, de elektrisch verstelbare chauffeurszetel in het testmodel wiebelde wat terwijl de interieurvijsjes her en der niet altijd even mooi gecamoufleerd zijn. Net als de interieurnaden die nog altijd bewijzen dat Pisa geen ongelukje was. Maar laat dat nu net de charme van Italië zijn. De imperfectie die meent dat Gründlichkeit niet altijd moet zegevieren.

[Meer info op AlfaRomeo.be]