Share a little biographical information to fill out your profile. This may be shown publicly.

 

We sturen je per e-mail een wachtwoord toe. Soms komt deze e-mail in je spambox terecht.

Sinds vorige week zie ik mijn naam toegevoegd aan het illustere lijstje van Nina Simone, Frank Sinatra en Elle Fitzgerald. Niet omdat ik – net als hen – een eigen versie van Duke Ellington’s klassieker heb opgenomen, maar wel omdat ik het ‘goed zitten heb’. Inderdaad beste lezerschap, I got it bad, en nog wel voor een 50-jaar-oud ontwerp. And that ain’t good.

Copyright Westfield Sportscars

Waarom niet? Ten eerste omdat België geen achterpoortje heeft om creaties als de Westfield XI in te schrijven. Een probleem dat ik vorig jaar al signaleerde: “Toen Westfield de rechten op de Lotus XI in 1982 verwierf, bouwde het 126 exemplaren om met dat geld over te schakelen op de productie van herwerkte Sevens. De laatste exemplaren van de XI verhuisden naar verzamelaars en musea waar ze waarschijnlijk voorgoed zouden blijven… tot de eilandbewoners een wel heel bijzondere wet goedkeurden: de SVA. Dat staat voor Single Vehicle Approval en zorgt ervoor dat quasi alles de baan op kan zonder de knotsgekke EU-zegel waar niet-Britse constructeurs aan gebonden zijn”. Logischerwijs is het net dit achterpoortje dat de voordeur wagenwijd openzet voor een nieuwe lichting XI’s, althans in het Verenigd Koninkrijk.

Een andere reden waarom er ten huize Divjak nog geen Westfield staat, is technische kennis. Of beter: een gebrek eraan. De meeste XI’s worden als kit verkocht en in een IKEA-rivaliserende hoeveelheid stukken geleverd. Het grootste onderdeel is de bestuurdersstoel, en zelfs die heeft geen gordel of bevestigingsrails gemonteerd. Bovendien zijn motor, aandrijflijn en onderstel niet in de kit inbegrepen. Die worden meestal aan de MG Midget of Austin Healey Sprite ontleend en achtereenvolgens gedemonteerd, gereviseerd en opnieuw geïnstalleerd. 300 werkuren is dan ook een minimum om je XI in mekaar te knutselen, op voorwaarde dat je alle nodige materiaal in huis hebt.

Natuurlijk levert Westfield ook kant-en-klare voertuigen, al kosten die een slordige 15.000€ meer dan hun ongeassembleerde broertjes. Maar laat ons eerlijk zijn: wie een dergelijk icoon uit de glorietijd van het automobiel (1956 om precies te zijn) in huis wil halen, kijkt niet naar een totaalprijs van 30.000€. Of naar de afwezigheid van een dak, deuren, tapijt en ruitenwissers. Zei ik trouwens al dat een met nieuwe onderdelen gebouwde XI gemakkelijk het dubbele kost?

Rest er mij alleen nog uit te leggen waarom ik het zo goed zitten heb. Eerst en vooral omdat ik een boontje heb voor het door Colin Chapman Frank Costin ontworpen en tot vandaag ongewijzigde uiterlijk dat schril afsteekt tegen de grijze massa die men tegenwoordig ‘auto’s’ pleegt te noemen. Ten tweede omdat iedere constructeur die minder agressief rubber monteert om de achterkant te laten meesturen, een ruiker bloemen verdient. En dan is er nog het gewicht: 498 kilo oftewel net genoeg om de 65pk tot hun recht te laten komen. Toegegeven, je zou niet weten waar die Golf gebleven was maar dat is slechts een verre herinnering als je op een warme zomeravond richting horizon schuift met je haren in de wind en Nina Simone in je oren. Via de Ipod welteverstaan.

Share Button