Share a little biographical information to fill out your profile. This may be shown publicly.

 

We sturen je per e-mail een wachtwoord toe. Soms komt deze e-mail in je spambox terecht.

In deze groene tijden denken steeds meer autoconstructeurs aan alternatieve brandstoffen. Biodiesel, elektriciteit, hybride aandrijving, waterstof, brandstofcel, … Dagelijks hoor je wel berichten over hun potentieel. En over hun beperkingen, want een nadeel dat ze allen delen is dat ze niet CO2-neutraal zijn. Zelfs al stoten zulke ‘groene’ auto’s geen schadelijke stoffen uit, dan nog wordt het milieu tijdens het opwekken en het transport van de energie vervuild.

De oplossing ligt volgens de Amerikaan Glenn Bell en zijn bedrijf GIMM in gecomprimeerde lucht. Lucht is immers overal gratis voorhanden en de voorraad is onuitputtelijk. Bells luchtmotor, die slechts zes bewegende onderdelen bevat, is bovendien veel kleiner dan een conventionele krachtbron. Ter demonstratie werd het systeem, dat de ingewikkelde benaming MIIN-AER ofte Minimally Intrusive Intensely pNeumatic Air Energy Recovery meekreeg, ingebouwd in een Porsche Boxster. Dat trekt immers altijd meer aandacht dan een stadswagentje, al zijn de prestaties van de luchtaangedreven Porsche zelfs die titel niet waardig: een topsnelheid van 100 km/h en een autonomie van 80 kilometer spreken niet bepaald tot de verbeelding. Van acceleratie wordt niet eens gesproken, want die is zo goed als onbestaande, zoals blijkt uit onderstaand filmpje. Gelukkig is dit nog maar de eerste fase in de ontwikkeling van de motor. In fase 3 zou hij zo’n 200 km/h en een rijbereik van 160 km uit de tot 300 (!) bar gecomprimeerde lucht moeten uit persen. Hopelijk doen ze tegen dan ook iets aan het geluid…

Dan lijkt de luchtmotor van het Franse MDI dichter bij de (productie)realiteit te staan. Net als bij de MIIN-AER worden de zuigers in de twee cilinders voortbewogen door geperste lucht, zodat zo’n 25 pk gegenereerd wordt. Genoeg vermogen voor de lichte MiniCats uit aluminium en kunststof die MDI voor ogen heeft. Via een luchtverhitter is het trouwens mogelijk toch tot verbranding over te gaan, wat de prestaties en het rijbereik verbetert zonder veel schadelijke stoffen uit te stoten. De Indische autoproducent Tata, dat met de Nano binnenkort de goedkoopste auto ter wereld gaat verkopen, heeft al een licentie gekocht. Zelfs in België is er al een verdeler gevonden. Jan Peetermans wil eind dit jaar al de eerste MiniCat-driezitters op lucht aanbieden voor minder dan 4000 euro.

Hoewel ook deze technologie zijn duidelijke beperkingen heeft, zou er wel eens toekomst kunnen zitten in het concept. MDI denkt immers al aan luchtmotoren van 200 pk voor bussen en vrachtwagens. Lepel díe in een Porsche, en het zal heel wat meer vuurwerk opleveren dan Glenn Bells poging. Bovendien lijkt het geen onlogische stap om niet alleen het luchtreservoir, maar ook de compressor in een (grote) auto in te bouwen. Op die manier kan je de tank bijvullen terwijl je rijdt, zodat ‘rijbereik’ wel eens een term uit een stoffig verleden zou kunnen worden.