Share a little biographical information to fill out your profile. This may be shown publicly.

 

We sturen je per e-mail een wachtwoord toe. Soms komt deze e-mail in je spambox terecht.

Tekst & Foto’s: Djivy

Tijd voor een bekentenis: ik weet waarom Nissan met een eigenwijs gaspedaal komt. Niet voor de succesvolle Cashcow die misschien wel geld maar geen sensatie brengt, en zeker niet voor de GT-R met zijn Pentium-rivaliserend computervermogen. Neen; de échte reden achter deze eco-gimmick schuilt in de heropstanding van de coolste Japanner aller tijden: de Nissan 350Z die op dit eigenste moment door de 370Z vervangen wordt. Petten af voor een welverdiende ereronde.

“Goed” hoor ik jullie alweer denken, “als de 350Z op dit eigenste moment door de 370 vervangen wordt, waarom krijgen we dan nu nog een rijtest van het uitgaande model voorgeschoteld?” Heel eenvoudig: de kans om een vijfsterrenauto aan de tand te voelen mag je nooit links laten liggen, ook al is het niet de sublieme coupé maar iets twijfelachtigere cabrio die hier voorgereden wordt. Bovendien was er nooit een beter moment om een 350 in huis te halen; de bestaande stock moet er begin 2009 uit en open versies genieten tijdens de wintermaanden traditioneel monsterkortingen. Over jonge occasies die om crisisredenen beschikbaar worden nog gezwegen…

Gelukkig voel je daar in de cockpit van de roadster niets van. Het canvasdak isoleert goed, de stoelen zitten nog beter en alles is doordrongen van een soliditeit die de Z van mindere Nissans onderscheidt. Start de sonore V6 en die indruk houdt aan, ook al heb je de eerste kilometers weinig tijd om rond je te kijken. Want met 313pk en 358Nm trekt de 3.5 harder dan een puber op speed – ongeacht de toeren, ongeacht de versnelling. Tijdens de eerste acceleratietests heb je zelfs de neiging aan 5.000t/m te schakelen beter dan aan zevenenhalf. Enerzijds omdat de V6 onderin heerlijk romig klinkt, en anderzijds omdat je de stadslimiet in eerste al een heel eind gepasseerd bent. 200 in vierde met de kap af? Bought the T-Shirt.

En toch is het eindeloze vermogen slechts het voorprogramma van achterwielaangedreven Z. De echte magie schuilt in het sublieme onderstel dat misschien wel hard maar o zo puur is. Kenners outhouden dat Nissan voor deze tweezitter zelfs een LSD opsnorde – geen drugs maar een mechanische sper de achterwielen gezellig samen laat spinnen. Google erop los en je wordt dan ook bedolven onder foto’s van driftende Z’s die hun banden meesterlijk oproken. Maar daarvoor moet je wel van goeden huize zijn; met een drooggewicht van 1621 kg (1528 voor de coupé) en – vergeleken met de Cayman en 3-Reeks – zware bedieningsorganen is de 350 een wagen die je initieel respectvol behandelt en pas later van zijn elektronische vangnet ontdoet. Iets wat wij op de openbare weg in ieder geval niet zouden riskeren. Tenzij er op de schouw een racelicentie prijkt.

In dat opzicht valt er ook meer voor de coupé te zeggen dan voor de roadster. Die laatste degradeert je immers tot midlife-crisismanager en werkt het onveiligheidsgevoel bij hogere tempi in de hand. Ergo: goed om te poseren (en nog beter om van het gescheiden pijporgel te genieten), maar minder knus dan de lichtere en stijvere coupé. Of de sticker met How To Store A Golf Bag erop dan ook een cynische knipoog dan wel een praktische tip moet zijn, is niet meteen duidelijk. Wel zeker is dat er nauwelijks meer dan een stel golfclubs onder het achterdek past. Maar dat is een prijs die je graag voor een snel dakmechanisme en twee heerlijke bulten op de koffer betaalt.

Met al die lof is de volgende vraag natuurlijk niet uit de lucht: waar heeft Nissan nog ruimte gevonden om de 370Z te verbeteren? Eerst en vooral in het knappe maar ietwat verouderde ontwerp van Ajay Panchal. Er moest meer testosteron in (vooral aan de achterkant) wat de ingenieurs naar aluminium panelen en superstijf staal deed grijpen. Gevolg daarvan is een bredere Z die nog platter op de baan ligt om de vermogenswint van 18pk (dankzij Variable Valve Timing) moeiteloos te verteren. Al maakt Nissan er geen geheim van dat de 370 eerder een gedegen update is dan een radicale overpeinzing. Naast een optionele zeventrapsautomaat, beter steunende stoelen en kwalitatievere interieurmaterialen valt er weinig nieuws te rapen – tenzij je op gadgets als Synchro Rev Control met automatisch tussengas bij terugschakelen kickt. De Brembo-remmen bleven gelukkig onaangetast.

Kortom: de 350 is nog altijd zo begeerlijk als bij zijn lancering in 2002. Getuige daarvan de 420.000 exemplaren die de laatste zes jaar over de toonbank gingen aan gemiddeld 40.000€ per stuk. En dat is misschien nog het beste bewijs van de vijfsterrenstatus die de 350Z geniet. Want in een segment waar het embleem vaak meer waard is dan de wagen zelf, is het allesbehalve eenvoudig om als Japanse constructeur voet aan de grond te krijgen. En dat is exact wat Nissan met de 350 deed en met de 370 zal blijven doen. Van mijn part noem je hem zelfs een mini-GT-R – zolang je maar voor de coupéversie gaat.

[Meer info op Nissan.be – de Coupé start bij 38.700€, de Roadster bij 41.900€]