Share a little biographical information to fill out your profile. This may be shown publicly.

 

We sturen je per e-mail een wachtwoord toe. Soms komt deze e-mail in je spambox terecht.

Peugeot en Renault staan in ons land geboekstaafd als specialisten van de gezinswagen. Beide constructeurs zijn dan ook steevast in de top vijf van de Belgische autoverkoop terug te vinden, hoofdzakelijk dankzij hun grote garde handige hatchbacks. Nu staan de Fransen er ook om bekend niet vies te zijn van een gepeperde sporteditie op tijd en stond, dus als je op de topversies van hun recentste C-segmenters stuit met bijna 200 pk onder de motorkap, dan doet een logisch nadenkende DRIVR inwendig al een vreugdedansje. Nieuw scheurmateriaal van de pioniers die met de 205 GTI en de R5 Alpine het pad effenden voor alle hedendaagse hot hatches? De Peugeot 308 1.6T 175 en de Renault Mégane 2.0 TCe tonen aan dat die redenering niet noodzakelijk opgaat…

Peugeot 308 1.6T 175 vs Renault Mégane Coupé 2.0 Tce

Renault verwijst nochtans graag naar Volkswagens in octaanmiddens alom geprezen Scirocco – de driedeurs Mégane heeft er inderdaad wat van weg, which is in no way a bad thing – terwijl Peugeot net angstvallig elke associatie met het letterwoord ‘GTI’ mijdt. De 308 1.6T 175 kan volgens hen beter omschreven worden als een GT. De marketingjongens van Peugeot zitten er in ieder geval het dichtst bij, al is het ironisch genoeg de Mégane die het gezapige koppelrijden van een cruiser het meest in zich draagt. Dat dankt hij aan zijn smeuïge tweeliter turbo, die zich met zijn overvloed aan laagtoerig koppel schakellui laat chaufferen, als een diesel bijna. Rijd je bijvoorbeeld 70 in vijfde aan 2000 tpm, dan wijst de bemoeizieke schakelindicator je er vanuit je ooghoek op dat het best nog een tandje hoger mag – zelfs al ben je op dat moment nog lichtjes aan het accelereren. De rode zone die bij 6200 toeren begint, bezoekt de wijzernaald dan ook zelden. Ten eerste omdat de power onderin te vinden valt, ten tweede omdat de begrenzer de facto al alles toeknijpt vanaf zo’n 5500 omwentelingen per minuut.

Renault Mégane Coupé 2.0 Tce

Dan voelt het 1.6-blokje uit de 308, dat met zijn 175 pk in de Mini Cooper S al voor vuurwerk zorgde, veel amusanter aan. Al is het wel merkbaar dat het wat meer gewicht moet meezeulen dan in BMW’s spurtbommetje. Op de sprint naar 100 km/h klokt de 308 af op 8,3 seconden, meer dan een volle seconde na de Cooper S en een halve na de Mégane, die over 5 pk meer kan beschikken. Daar tegenover staat wel een motor die veel gezwinder in de toeren klimt en de bestuurder trakteert op een bevredigende grom – zonder ooit luidkeels om aandacht te schreeuwen. De vlijtige Peugeot nodigt je dan ook uit om het onderste uit de kan te halen; de Renault blijkt, alle absolute cijfers ten spijt, liever lui dan moe.

Peugeot 308 1.6T 175 vs Renault Mégane Coupé 2.0 Tce

Die laatste kan dan wel weer pronken met het hoogste comfortniveau. De demping is vergeeflijk, in die mate zelfs dat de Mégane nogal eens durft over te hellen in de bocht. Zo word je bijna in slaap gewiegd in de lederen salonfauteuils, die meteen goed zitten maar best wat meer zijdelingse steun mochten bieden. Een kwaal waarmee de 308 nog feller te kampen heeft.

Renault Mégane Coupé 2.0 Tce

Voor het overige maakt de Peugeot binnenin een betere indruk dan zijn rivaal. Het gehele interieur biedt een zee van ruimte en baadt in het licht dankzij een groot panoramisch dak, terwijl de Mégane vooraan hoogstens als ‘knus’ kan omschreven worden en achterin eerder benepen aanvoelt. Daar hebben de minuscule zijruitjes, de lage daklijn en het enkel aan de voorpassagiers voorbehouden zonnevenster een en ander mee te maken. De vijfdeurs 308 – overigens de enige versie die met deze topmotor leverbaar is – biedt bovendien een pak meer hoofd- en beenruimte achterin dan de Mégane Coupé, die met zijn dikke C-stijlen ook nog eens het zicht achteruit hypothekeert.

Renault Mégane Coupé 2.0 Tce

Terug voorin valt meteen de kwaliteitssprong ter hoogte van het dashboard op. De Mégane houdt het sober maar degelijk met een digitale tachometer geflankeerd door de boordcomputer en een sportief aandoende toerenteller. De vormgeving mag er best wezen, met uitzondering van het niet-inklapbare navigatiesysteem, dat ook op functioneel vlak soms wat steekjes laat vallen. Stap in de 308 en dan volgt pas de echte schok: Peugeot trekt duidelijk de kaart van het stijlvolle design met een lederen bekleding van het volledige dashboard. Daarin gapen ronde ventilatiemonden die stuk voor stuk met chroom omrand zijn, net als de met dunne rode wijzernaalden getooide tellerpartij, die zo uit een dure luxesedan lijkt weggeplukt. Plots doet het interieur van de Mégane prehistorisch aan in vergelijking met deze oase van verfijning. Haast tegennatuurlijk voor een Franse hatchback.

Peugeot 308 1.6T 175

Aan de buitenkant zijn de rollen omgekeerd: in de agressief gesculptuurde Mégane heb je – zeker met de koperkleurige uitdossing – veel bekijks, in de 308 iets wat alleen maar als ‘wegkijks’ kan omschreven worden. Hoewel de Renault ook niet langs alle kanten even mooi is, lijkt geen enkele invalshoek de Peugeot te flatteren. De gewelfde motorkap komt best nog stoer over, maar één blik op die idioot grijnzende beugelbek en je kan de 308 gewoon niet meer serieus nemen. En hoewel de koplampen, die inmiddels bijna tot aan de zijspiegels reiken, hun uiterste best doen om de aandacht te trekken, zit er gewoon disproportioneel veel visuele massa aan de achterkant van de auto. Zelfs de enorme 18-inchvelgen lijken wel skateboardwieltjes onder die immense kont. Hoog tijd dat ze bij Peugeot inzien dat de knappe designstijl van de 206 niet eindeloos uitgerokken kan blijven worden op steeds grotere auto’s zonder ze tot een vage karikatuur te herleiden.

Peugeot 308 1.6T 175 vs Renault Mégane Coupé 2.0 Tce

De Mégane is dus zonder twijfel de knapste, maar helaas biedt hij niet het rijgedrag dat bij zijn sportieve uiterlijk en motorvermogen past. In dagelijkse verkeerssituaties voldoet hij zonder meer, maar trap op zijn staart en hij durft al eens nerveus en onvoorspelbaar te reageren. Grote schuldige lijkt hier het elektrisch bekrachtigde stuur, dat resoluut weigert enige info over de bandengrip door te spelen. In de praktijk resulteert dat in afwisselend onder- en overstuur, waarop het ESP – niet uitschakelbaar boven 40 km/h – brutaal tussen beide komt. Je zou het de 308 op het eerste gezicht misschien niet nageven, maar de Peugeot gedraagt zich veel neutraler op de limiet. Grip is er met hopen: in plaats van de schuivers aan elkaar te rijgen, zal hij eerder als een speels hondje zijn achterpoot opheffen om aan te kondigen dat het hem (bijna) te veel wordt. Het ESP houdt ondertussen veel subtieler een oogje in het zeil en valt bovendien volledig te deactiveren.

Peugeot 308 1.6T 175

Qua pure rijbeleving slaagt Renault er zonder de hulp van de RS-cracks dus blijkbaar niet in zelfs maar tot aan de schouders van de superieure Peugeot te komen, hoewel die laatste – eerlijk is eerlijk – eveneens wat broodnodig stuurgevoel mist. Maar de 308 komt als geheel gewoon veel homogener voor de dag, met bijvoorbeeld een gas- en remrespons die misschien niet uitblinkt, maar ook geen enkel punt van kritiek verdient. Niet zo bij de Mégane: diens pedalen geven veel motortrillingen door en voelen daardoor minder solide aan. En hoewel het remmen in normale omstandigheden gradueel verloopt, mocht er bij stevige vertragingen wat meer gevoel in zitten. Ook de manuele zesbak wordt, hoewel licht en precies in bediening, overklast door die van Peugeot, die zich met een aangenaam mechanisch gevoel gemakkelijker door het rooster laat dirigeren.

Peugeot 308 1.6T 175 vs Renault Mégane Coupé 2.0 Tce

Wat wel voor de coupé uit Dieppe spreekt, is zijn prijs: een 2.0 TCe Dynamique heb je al voor 22.050 euro, de 308 schurkt in deze motorisatie naar schatting tegen de 26.000 euro aan. Naar schatting, want de 175 pk-variant staat in België niet in de brochure en is alleen op speciale bestelling te krijgen. Het zegt genoeg over het vertrouwen dat Peugeot zelf in de verkoop van dit soort auto’s stelt. En terecht, want in de eerste plaats zijn het niet bepaald zuinigheidskampioenen – toch geen onbelangrijk selling point tegenwoordig, zeker in dit segment. Hoewel beiden een normverbruik van 7,6 l/100km claimen, maten we voor de 308 een gemiddelde van 9,5 liter, terwijl de Mégane zelfs rond de 11 liter schommelde. Tel daarbij de hogere fiscale last van zijn tweelitermotor en het initiële prijsvoordeel smelt als sneeuw voor de zon. Een tweede reden om aan het succes van dit soort auto’s te twijfelen, is simpelweg het feit dat ze vis noch vlees zijn. Om de vraag uit de inleiding te beantwoorden: lepel een dikke motor in een doordeweekse gezinswagen en het resultaat is niet automatisch een hot hatch, het geheel niet noodzakelijk meer dan een som van zijn delen – soms blijf je gewoon zitten met niets meer dan een doordeweekse gezinswagen met een dikke motor erin. Geen bochten- maar wel een benzinevreter. En wie zit daar, in this day and age, op te wachten?

Renault Mégane Coupé 2.0 Tce

[Foto’s: Jeroen Peeters]

RENAULT MÉGANE COUPÉ 2.0 TCE

Plus Min
+ Hoogstaand comfort – Gecompromitteerde rijdynamiek
+ Knappe look – Krap interieur
+ Koppelrijke 2.0 turbo – Brutaal en niet volledig uitschakelbaar ESP
+ Prijs – Gebruikskosten

Weggecijferd

Motor 2.0 4-in-lijn turbo
Aandrijving Voorwielen
Vermogen 180 pk
Koppel 300 Nm
Gewicht 1395 kg
Acceleratie (0-100 km/h) 7,8 s
Topsnelheid 230 km/h
Gem. testverbruik 11,2 l/100 km
Prijs 22.050 euro
Fiscale PK 11

Verdict

5 op 10


PEUGEOT 308 1.6T 175

Plus Min
+ Ruim en stijlvol interieur – Koetswerkdesign
+ Amusante Cooper S-motor – Zijdelingse steun zetels
+ Neutraal rijgedrag – Stuurgevoel
+ Bediening zesbak – Niet goedkoop

Weggecijferd

Motor 1.6 4-in-lijn turbo
Aandrijving Voorwielen
Vermogen 175 pk
Koppel 240 Nm
Gewicht 1327 kg
Acceleratie (0-100 km/h) 8,3 s
Topsnelheid 225 km/h
Gem. testverbruik 9,5 l/100 km
Prijs Op aanvraag
Fiscale PK 9

Verdict

6 op 10

Share Button