Share a little biographical information to fill out your profile. This may be shown publicly.

 

We sturen je per e-mail een wachtwoord toe. Soms komt deze e-mail in je spambox terecht.

Alfa Romeo heeft nieuwe beelden van de nakende Milano Giulietta vrijgegeven. Mooi en gelikt, absoluut akkoord – maar tussen ons gezegd en gezwegen houden we ons hart een beetje vast voor de rijeigenschappen van Romeo’s jongste. Recente Alfa’s wisten ons immers te verleiden met hun drop-dead looks, maar dynamisch konden ze de magie van pakweg een 147 met mechanisch Q2-differentieel niet evenaren. We hopen dan ook dat de Alfa-ingenieurs een mondje Nederlands spreken en DRIVR frequenteren om hun Golf-rivaal optimaal te laten presteren.

15

Eerst de elektrische stuurbekrachtiging. Die mag dan op papier wel zuiniger zijn dan een ouderwetse servopomp, de feedback en natuurlijkere centrering van de 147, 156 en GT-modellen zijn van een niveau hoger dan die van de 159 en zeker de MiTo. Uiteraard zijn de zustermodellen Bravo en Delta in hetzelfde bedje ziek, maar die dragen dan ook geen Alfagenoom met zich mee. En bovendien bewijst BMW met elektrohydraulische stuurinrichtingen dat the best of both worlds inzake zuinigheid en feedback wel kan. Een kwestie van ontwikkeling dus. Maar gelukkig blijft de superdirecte stuuroverbrenging nog altijd inherent verbonden met het merk Alfa Romeo, wat de pijn toch wat kan verzachten. Mental note voor de ingenieurs: stuurfeedback en natuurlijk gewicht.

09

Het DNA-systeem dan. Hot om in de productcatalogus te figureren, maar wij lopen er alvast niet heet van. Want zeg nu zelf: wie wil er in godsnaam een rijmodus die minder vermogen en koppel biedt dan er op het homologatiepapiertje vermeld staat? Goed voor een Noble M600, maar voor een maximaal 150pk sterke MiTo? Bovendien moet je bij elke startbeurt de Dynamische stand herselecteren en reageert het elektronische gaspedaal daarbij te gevoelig. Leve het ouderwetse gaspedaal dus, zonder sportknop! Tweede mental note aan Milaan: verfijn de DNA-knop en delete de reset-functie bij herstarts.

detail_giulietta_9_ori

Derde Alfa-euvel: de ophanging. In de MiTo, 159 en Brera is die bijwijlen erg oncomfortabel. Toch als men de (zware) Bella’s opsmukt met fraaie achttieners of negentienduimers uit het TI-pakket. Een betere filtering van kleine wegoneffenheden met een minder bruusk aanslagbereik zou immers wonderen verrichten – al was het maar omdat het interieur dan langer kraakloos blijft. Derde mental note: ontwikkel de TI-velgen van meet af aan en verwar ‘sportief’ niet met ‘hard’.

detail_giulietta_10_ori

Tot slot de motoren: where’s the mojo? Kijk, we komen hier opnieuw in het vaarwater van de CO2-regulering. Downsizing mag dan op papier wel werken om een behoorlijke portie vermogen en dito koppel bij lage uitstoot te halen, in de praktijk lusten de 1.4 Tjet-blokken – vooral dan de 150 pk-versie – een behoorlijke slok (lees: makkelijk meer dan 10 l/100km), zónder de directheid van de oude TwinSpark-blokken en vooral zonder de heerlijke inlaatroffel. Niettemin ijdele hoop, want het enige ‘karakter’ dat een kleine viercilinder turbo kan genereren is de OPCwhooossh of een Cooper S-uitlaatgrom. En zelfs die twee zijn een tikkeltje ordinair.

091202_ar_giulietta02

Let wel: deze punten zijn absoluut opbouwend bedoeld, want we zouden het niet over ons hart krijgen om te moeten schrijven dat een tien jaar oude Focus beter stuurt dan de knapste C-segmenter van 2010. We kijken dan ook met spanning uit naar de eerste rijtest, en hopen dat Alfa de imperfecties van de MiTo niet overdraagt op de Giulietta. Want een in historie gedrenkte typebenaming als deze verdient een klavertje vier.

Share Button