Share a little biographical information to fill out your profile. This may be shown publicly.

 

We sturen je per e-mail een wachtwoord toe. Soms komt deze e-mail in je spambox terecht.

Mijn tegenvaller van het Salon? De BMW M5 geloof het of niet. Voorspelbaar uiterlijk, te groot naar mijn bescheiden mening en visueel evenmin een hoogvlieger. Het is dat je weet wat het is – en bovenal waar de Beemer toe in staat is – maar afgezien daarvan laat het geheel mij bevreemdend koud. Of het ermee te maken heeft dat ik gisteren voor het eerst een icoon van een DRIVR ervaren heb? Die de M5 op de juiste (of beter: foute) weg in zijn ondergoed zet?

Welk icoon het betreft, kan ik nog niet prijsgeven. Maar het begint al wanneer je de lichte aludeurtjes open doet. Zo licht zelfs dat je je afvraagt hoe ze in hemelsnaam door de zijdelingse impacttest zijn geraakt. Wat volgt is een spartaans interieur met enkel en alleen de bare necessities; op een strak dashboard, fraai Momostuurtje en wat draaiknoppen voor de verwarming na ziet het geheel er niet meteen indrukwekkend uit. T’is maar hoe je het bekijkt, want de leemte zorgt evenzeer voor een no-nonsense aanpak die 600kg licher aftikt dan de über-5.

Het gevolg zo’n laag gewicht in combinatie met een hyperefficiënte vierwielaandrijving én turbokracht is ronduit ridicuul. Wordt het terrein bovendien gespekt met korte bochten, hoogteverschillen en zelfs gravel, dan neemt het verschil alleen maar toe. Die brute efficiëntie heeft trouwens zo’n indruk gemaakt dat volgende vraag nu door mijn hoofd spookt: Wat is de snelste DRIVR van A naar B – die zich in eender welke setting uit de slag trekt, en nergens door de mand valt – of er het nu een besneeuwde bergpas dan wel een kurkdroog circuit betreft? Aan jullie de nominatie-eer! En benieuwd of iemand ‘de mijne’ raadt…

[Foto: Dohoon Kim]

 

Share Button