Share a little biographical information to fill out your profile. This may be shown publicly.

 

We sturen je per e-mail een wachtwoord toe. Soms komt deze e-mail in je spambox terecht.

Zuid-Korea lijkt the new black te willen worden. Waar Hyundai met de Veloster en KIA met de Soul eerder al het juk der banaliteit van zich af wisten te werpen, is het nu de beurt aan de Rio om een pak meer funk bij zijn junk te voegen. Die pakt uit met een lijn die zijn voorganger – met het charisma van een winkelkarretje – ogenblikkelijk doet vergeten, en munt het op de Polo’s, Corsa’s en MiTo’s van de Oude Wereld. Met de intenties van de Rio zit het dus snor, maar maakt hij het in de praktijk ook waar?

Niet helemaal, zo vrezen we. Toegegeven, tussen al het gedownsizede turbogeweld door moeten we weer even in de juiste mindset geraken: een atmosferische 1.4 met 136 Nm bij 4.200 toeren en 109 pk bij 6.000, dat wordt spelen met de schakelpook. Gelukkig laat de Rio dat relatief vlot en precies gebeuren – al mocht de spreiding misschien wat beter. Maar wanneer je op een onbewaakt moment toch in een te hoog verzet verzeilt, raak je meteen het pijnpunt van dit benzineblok aan: onder de 3.000 toeren valt er eigenlijk niet veel te beleven. Vlot genoeg in stadsverkeer – en hij klimt uiteindelijk niet onaardig in de toeren -, maar echte DRIVR-ambities kan je de Rio bezwaarlijk toeschrijven.

Als die ambities er al zijn, worden ze in de kiem gesmoord door het elektrisch bekrachtigde stuur. Dat voelt vooral in de rechtuitstand slap en weinig communicatief aan, waardoor je nooit echt zeker weet wat de voorwielen uitspoken. Combineer dat met een ophanging die eerder is ingesteld op comfort, en je merkt dat de Rio zich meer thuis voelt in stadsverkeer en op snelwegen dan op meanderende binnenbaantjes. Voor snelweggebruik ga je misschien beter voor de 1.4 CRDi (90 pk, 216 Nm). Ons testverbruik lag ondanks zesde versnelling met een gemiddelde van 7,2 liter ietwat aan de hoge kant. De 1.2-benzine (85 pk en 118 Nm) en de 1.1 CRDi (75 pk en 162 Nm) zijn vooral zuiniger dan hun grotere broers, maar lijken ons power te kort te komen.

Binnenin heb je in de Rio dan weer niet te klagen. Onze testwagen kreeg het hoogste van de vier uitrustingsniveaus, Sense, mee. Dat krijgt onder meer automatische koplampen, een regensensor, automatische airco, cruise control en parkeersensoren achteraan standaard. Je betaalt alleen bij voor een ingebouwd navigatiesysteem met achteruitrijcamera (999 euro), een elektrisch open dak (650 euro) en lederen zetels met zetelverwarming (1.000 euro). En dat voor een totaalprijs die bijna 3.000 euro lager ligt dan een gelijkaardige Polo. In combinatie met een aantrekkelijke lijn – die gerust nog meer in het oog mocht springen – zorgt dat ervoor dat KIA een verdienstelijke poging doet. Maar om van de Rio een echte DRIVR te maken, kunnen ze in Seoel misschien toch eens in de richting van drukvoeding kijken. Voorlopig blijft het dus een close, but no cigar.

KIA RIO 1.4

Plus Min
+ Doet zijn voorganger vergeten… – …maar mist DRIVR-eigenschappen

Weggecijferd

Motor 1.4 4-in-lijn benzine
Aandrijving Voorwielen
Vermogen 109 pk
Koppel 136 Nm
Gewicht 1173 kg
Acceleratie (0-100 km/h) 11,5 s
Topsnelheid 183 km/h
Gem. testverbruik 7,2 l/100 km
C02-uitstoot 124 g/km
Prijs 18.790 euro (Sense)
Fiscale pk 8

Verdict
6 op 10

Share Button