Share a little biographical information to fill out your profile. This may be shown publicly.

 

We sturen je per e-mail een wachtwoord toe. Soms komt deze e-mail in je spambox terecht.

Sergio Pininfarina – zoon van de grote Battista ‘Pinin’ Farina en vader van de recent overleden Andrea – heeft het tijdelijke voor het eeuwige geruild. 85 is hij geworden, en nog maar een zestal jaar niet meer actief betrokken met het Italiaanse desgnhuis. Want dat was hij wel degelijk sinds 1966, toen hij de fakkel van zijn vader overnam om Pininfarina stilaan het computertijdperk in te loodsen. Tijd voor een eerbetoon in vier bedrijven, door even veel DRIVR-redacteurs.

Ken Divjak

Kiezen uit het oeuvre – of tenminste: de regeerperiode – van Sergio Pininfarina is hoe dan ook verliezen. Daarom overdrijf ik die insteek graag en schaar me bij de lottoverliezers die zich maximaal een coupé naar vorm beter dan prestaties konden veroorloven. En dat was de Peugeot 406 met hetzelfde acroniem ten voeten uit; sober, gelikt en stijlvol – net als Sergio het altijd wilde. Of hoe een non-design middenmoter als de 406 met een paar simpele pennentrekken van de meester tot een tijdloze beauty promoveerde. Vandaag te hebben voor minder dan 5.000€, en het levende bewijs dat topdesign zowel nieuw als tweedehands betaalbaar kan zijn.

Pieter Ameye

Gezegend met een badge van eenvoudige komaf, een bescheiden V6 middenmotor en een prijskaartje ver onder dat van een echt Cavallino Rampante, zag het er voor minder vermogende DRIVRs lange tijd goed uit. De prijzen voor de surrogaat-Ferrari (om dan toch maar eens een lelijk woord te gebruiken) gingen tot op zekere hoogte de juiste (dus dalende) richting uit. Tot de wispelturige klassiekermarkt het schitterende ontwerp van de Dino 206/246 GT plots echt naar waarde begon te schatten. Gevolg is dat de kleine Dino’tjes momenteel voor grof geld van eigenaar verwisselen, en het er niet naar uitziet dat er een weg terug is. Geen wonder dat Elise S1-ontwerper Julian Thomson er eentje in zijn garage had. Of ‘s mans creatie die rol binnenkort op zich neemt?

Pieter Fret

Normaal gezien weten jullie al twee dingen over mij: (1) ik heb een zwak voor roadsters en (2) ik kan moeilijk kiezen. Dat ik er in één klap drie nomineer, mag dus niet verbazen. De Alfa Romeo Spider (1966) omdat hij perfect de nu vergane glorie van Alfa belichaamt, de Fiat 124 Sport Spider (1966) omdat hij altijd in de schaduw van zijn bekendere broer heeft moeten leven. Een beetje de Ralf Schumacher onder de auto’s dus, met het verschil dat zijn wat roemloze bestaan niet aan een gebrek aan talent te wijten is. Ten derde noem ik hier graag de 2uettottanta – de spirituele opvolger voor de oorspronkelijke Alfa Spider, gecreëerd onder leiding van landgenoot Lowie Vermeersch – die ze wat ons betreft zo rond een MX-5-chassis mogen draperen. Het ontwerp, niet Vermeersch. Laat ons hopen dat ze bij de FIAT Volkswagen Group zo snugger zijn.

Wim Bervoets

Wie onze Porsche-reeks heeft gelezen, weet dat ik dan weer af en toe terugmijmer naar de tijd dat ik kwartetspelletjes gebruikte om autokennis te vergaren. Dat was ook de tijd van Ferrari’s met zotte strepen in hun flanken. En in dat geval is er voor mij één trappelend paard dat daarin hoger steigert dan de F40, 348 en F355: de Ferrari Testarossa. De 308 en de 328 hadden een geweldige lijn, maar de overtreffende trap kwam er in het – overigens uitstekende – jaar 1984. Geen enkele Pininfarina zal de nostalgicus in mij meer met de 80s en – in het geval van de 512 TR – early 90s associëren dan de bij voorkeur rode supercar met de karakteristieke achteruitkijkspiegel. Elegant was die niet echt, maar kleur en smaak in de jaren 80, right? En toch, die welving van de voorwielen tot breed over de heupen achteraan, de luchtinlaten in de flanken,… de Testarossa had een design to die for. Helaas nam Sergio Pininfarina dat gisteren iets te letterlijk.

Het zou ons verbazen als jullie exact dezelfde parels nomineren, so feel free…