Share a little biographical information to fill out your profile. This may be shown publicly.

 

We sturen je per e-mail een wachtwoord toe. Soms komt deze e-mail in je spambox terecht.

INFO: In lijn met ons partnership met Driving-Fun (waar vooral motorsportstukken uit voortvloeien) slaat DRIVR de handen nu ook in mekaar met éminence grise Vic Heylen, die te gepasten tijde een verstaanbare blik op de auto-industrie zal werpen, te beginnen met een stand van zaken qua verkoop van elektrische voertuigen in het octaangekke Duitsland…

In zijn derde jaarlijks tussenbericht verlaagt het Nationale Plattform für Elektromobilität (NPE) zijn doelstellingen voor de Duitse EV-markt van één miljoen naar 600.000 eenheden tegen 2020. In Het NPE zetelen vertegenwoordigers van de politiek, de industrie en de vakbonden. De organisatie beschikt over een budget van 500 miljoen euro, terwijl die pot tot 2013 nog met één miljard euro wordt verhoogd. Of het volstaat om de Duitsers uit hun Autobahnsturmers te lokken?

Op dit ogenblik telt het Duitse wagenpark 4.500 EV’s. In 2011 werden in totaal 2.044 EV’s ingeschreven, tijdens de eerste vijf maanden van dit jaar 1.478. Om de nieuwe doelstelling te halen, moet het park tot 2020 jaarlijks verdubbelen. Volgens Minister van Verkeer Peter Ramsbauer is er geen rede tot paniek; de EV-markt bevindt zich nog steeds in een fase van voorbereiding. De werkelijke start ziet hij in 2014 met vanaf dan vijftien Duitse modellen op de markt. In tegenstelling tot de meeste landen voorziet de overheid geen subsidies bij de aankoop; volgens de Duitse minister van Economie Philip Rosier is het niet de taak van de overheid om de aankoop te subsidiëren of laadstations te bouwen. EV’s moeten zich op eigen kracht op de markt waarmaken. Of anders: een EV-markt moet zich op marktgedreven beter dan subsidiegedreven basis kunnen ontwikkelen.

Met uitzondering van de Mercedes Smart hebben Duitse autobouwers op dit ogenblik geen EV-modellen in de aanbieding. Voor de overheid heeft het weinig zin de aankoop van niet in Duitsland gebouwde auto’s met subsidies te stimuleren. De Ampera wordt door Opel verdeeld, maar wordt uit de VS geïmporteerd. Autobouwers maken zich begrijpelijk zorgen over de langzame start van de EV-markt. Volgens het Britse tijdschrift CAR heeft Audi twijfels over de marktkansen van een A2 EV en de A1 EV met Wankel-hulpmotor. Beide projecten zouden zijn stopgezet.

VDA-voorzitter Arthur Wissman (Verband der Automobilindustrie) garandeert dat de Duitse auto-industrie “alles doet wat mogelijk is. We kunnen niet alles op de elektrische auto zetten zolang niet echt duidelijk is of deze technologie zich inderdaad zal doorzetten”. In een recent interview met Der Spiegel erkent Daimler CEO Dieter Zetsche dat het voor de industrie niet prettig is om duur te moeten investeren in nieuwe technologieën zonder enige zekerheid over welke technologie zich uiteindelijk zal doorzetten. “Binnen twintig jaar zullen er zoveel auto’s rondrijden dat ze niet langer met fossiele brandstoffen kunnen worden aangedreven – zonder te spreken over de belasting van het milieu”.

Het succes van de Ampera maakt het autobouwers die op pure EV’s hebben gewed niet gemakkelijker. Renault CEO Carlos Ghosn blijft bij zijn voorspelling van (op termijn) een EV-wereldmarktaandeel van tien procent oftewel zes miljoen auto’s. Renault heeft in die zin de boerderij verwed. De Franse autobouwer heeft tijdens de eerste vijf maanden wel 6.500 Twizy’s verkocht. Die worden echter niet als als personenwagens geregistreerd.

Renault speelt , ondanks het succes van de Opel Ampera, naar eigen zeggen de leidende rol op de EV-markt. In tegenstelling tot autobouwers die tot nog toe enkel prototypes en concept auto’s hebben voorgesteld, heeft Renault het grootste aantal EV-modellen op de markt. De Renault Twizy, Fluence ZE en Kangoo ZE bestelwagen zijn nu reeds leverbaar, de Renault Zoe tegen einde 2012.

DISCLAIMER: FCAR stelt zich als doel om door een koppeling van academische kennis aan praktische ervaring, een bijdrage te leveren tot het veilig stellen en verbeteren van de competitieve positie van de nationale assemblage-industrie. Met als voornaamste opgave de studie van productieprocessen en de economische, markt- en bedrijfsstrategische omgeving. Dit zowel voor de assemblage als voor toelevering. Voor meer info, klik HIER.