Share a little biographical information to fill out your profile. This may be shown publicly.

 

We sturen je per e-mail een wachtwoord toe. Soms komt deze e-mail in je spambox terecht.

“Het zou mij niet verwonderen als er op de persdag nog een paar onverwachte gasten opduiken om de show te stelen” orakelde ik in de aanloop naar Genève. Voor velen kwam die verrassing er in de vorm van de Maserati Alfieri Concept, een ontwerpstudie die de volgende Granturismo coupé aankondigt. Vernoemd naar één van de merkstichters en gestoeld op een ingekort MC Stradale-chassis moet de 2+2 meer sportwagen dan GT worden om het in 2016 tegen de Porsche 911 en de Jaguar F-Type Coupé op te nemen. Tegen die tijd wil Maserati namelijk 50.000 eenheden per jaar slijten, geholpen door de Levante SUV die al eerder op het programma staat.

surprise

Maar is dat eigenlijk wel een verrassing, een sportwagenmerk dat voor zijn eeuwfeest een sportwagen toont die in geen enkel opzicht revolutionair is? Volgens de paparazzi op bovenstaande foto alvast niet, want die lagen elders op de loer voor een veel pikanter verhaal. Een sprookje dat in 2009 begon onder de vleugels van supercarbouwer Koenigsegg, maar zijn tijd te ver vooruit was. Gelukkig voor ons toont Nunzio La Vecchia zich als een doorzetter, waardoor hij vijf jaar later opnieuw in Genève staat met een doorontwikkeling van zijn originele idee: de zogenaamde nano flow cell.

Welke verpakking La Vecchia voor zijn technologie bedacht heeft, ontdek je in onderstaande video – alsook de indrukwekkende cijfers die ermee gepaard gaan. Maar eigenlijk zijn die niet van tel zoals de natuurkundige zelf aangeeft: “Dit is een onderzoeksvoertuig om een revolutionair energieopslagsysteem in de praktijk te testen, met nadruk op de ontwikkeling en de verbetering van de flow cell batterijtechnologie die erin zit”. Hoe revolutionair? La Vecchia heeft het over een factor 5 ten opzichte van conventionele li-ionbatterijen, zowel wat de autonomie als de verhouding tussen gewicht en vermogen betreft. Kortom: cijfers waar de huidige batterijtechnologie over tien jaar nog niet aan kan tippen.

Ironisch genoeg dateert de know-how in kwestie van de jaren 70 toen NASA flow cell batterijen ontwikkelde voor een ruimtevaartprogramma. Vandaag is dat patent al vele jaren verlopen, en beschouwen verschillende constructeurs het als dé oplossing voor de toekomt. Vooral omdat wagens met zo’n combinatie van elektromotor en brandstofcel in een mum van tijd ‘getankt’ kunnen worden; je laadt de batterijen namelijk niet zozeer op dan dat je de twee tanks met vloeibare elektrolyt laat vullen in een daarvoor uitgeruste garage. Het slimme van de setup zit hem in een centraal membraan dat de elektrolytische oplossingen van elkaar scheidt maar wel toelaat dat er elektrische stroom doorvloeit om vermogen te creëren.

Daarmee is het in Liechtenstein gevestigde Quant de eerste constructeur om die spacetechnologie in een wagen toe te passen. Tegen het eind van het jaar willen de Zwitsers zelfs een handvol prototypes de openbare weg op sturen. Of die er even betoverend als de e-Spoirtlimousine met zijn grote vleugeldeuren en individuele zitjes gaan uitzien, is nog maar de vraag. Wel zeker is dat de verrassing van Genève nog in zijn kinderschoenen staat en pas over een paar jaar productierijp zal zijn. Maar de omstanders – waaronder een aantal R&D-chefs van grote merken – waren alvast danig onder de indruk. En geen enkele die het had zien aankomen.

Deze column staat ook als edito in AutoWeek 11 die nog tot 19 maart in de rekken ligt.