Share a little biographical information to fill out your profile. This may be shown publicly.

 

We sturen je per e-mail een wachtwoord toe. Soms komt deze e-mail in je spambox terecht.

Kunnen we het erover eens zijn dat de nieuwe TT een return to form is voor Audi? Achteraf gezien heeft de tweede generatie (2006-2014) de Bauhaus-chic van het origineel (1998-2006) nooit weten te evenaren, terwijl de Mk3 stilistisch wel bijdetijds is. Binnenin oogt het geheel zelfs futuristisch door de toepassing van Audi’s virtual cockpit; een TFT-scherm dat de klassieke klokkenwinkel vervangt om de boordplank helemaal clean te houden. Maar of de pretcoupé daar ook beter van gaat rijden?

testauditt1

Vertel misschien eerst wat er nog nieuw is aan de derde generatie TT.

Zowat alles eigenlijk, gezien de (naar de bekende racereeks vernoemde) Tourist Trophy niet aan facelifts doet. De TT ‘Type 8S’ is dus all-new, met een scherp gelijnde buitenkant en nog cooler gestileerde binnenkant. In de cockpit springen de vijf prominente ventilatiemonden meteen in het oog, niet in het minst omdat je de temperatuur alsook de intensiteit van de lucht via ingewerkte draaiknoppen kan bedienen. Maar de echte nieuwigheid zit natuurlijk achter het stuur, waar een digitaal scherm de klassieke klokkenwinkel vervangt om alles van snelheid over navigatiefuncties tot entertainmentfeatures te projecteren. Oogsnoep voor de Apple-generatie, maar wel niet vergeten om af en toe eens naar de weg te kijken.

Of er mechanisch evenveel veranderd is?

Audi gaat er prat op dat de neofiet gemiddeld 50 kg lichter is dan de vorige door toepassing van nieuwe materialen en dito lastechnieken. Samen met de laatste versie van de 2.0-liter TFSI geeft dat een 2+2 die op papier 6,8 l/100 km verbruikt bij een vermogen van 230 pk. Ga je voor de quattro-versie zoals waar ons testexemplaar, dan krijg je er tegen wil en dank een DSG-automaat bij. Nauwelijks een deal-breaker gezien de de dubbele koppelingsunit nog altijd van de beste in zijn soort is, maar wel minder interactief dan een ouderwetse handbak – zeker als de kleine schakellepels zo plastiekerig aandoen als hier wederom het geval is.

testauditt3testauditt2

En hoe rijdt dat dan, zo’n vierwielaangedreven TT met Golf GTI-motor?

Als een mini-GT beter dan een opgefokte hatchback. Volwassener ook, met name door de vierwielaandrijving die elke vorm van hooliganisme in de kiem smoort. Maar daardoor ook verdomd efficiënt en eigenlijk sneller dan je van 230 pk zou verwachten (0-100 km/u in 5,3 s). Het motorgeluid – of beter: de geprogrammeerde sound engineering – klinkt daarbij minder kwaad dan in de GTI Performance, waardoor de inherente cool van de TT nooit in het gedrang komt. Combineer dat met de mogelijkheid om pakweg de comfortstand van de dempers te paren aan het normale stuurgewicht en de felste mapping voor de aandrijflijn, en je krijgt een wagen die zich op de meeste smaken laat afstemmen. Tenzij je ermee wil gaan driften, want dat behoort niet tot de mogelijkheden.

Zijn er misschien andere versies die meer DRIVR zijn?

Op papier zeker. De voorwielaangedreven versie met handbak zou bijvoorbeeld een lossere achterkant hebben, voor 4.800 euro minder. Idem dito voor de snelle TTS met 310 pk en een liberalere koppelverdeling tussen de voor- en de achteras. Vreemd genoeg is die wel met een zesbak te hebben, terwijl dat bij de 2.0 TFSI niet in combinatie met vierwielaandrijving kan. Voor het TTS-privilege betaal je trouwens 51.150 euro, wat de voorlopig snelste TT vervaarlijk dicht in de buurt van de Cayman 2.7 brengt. Al zal de bestuurder van die laatste zijn borst mogen natmaken om de TTS – die met automaat de 100 in 4,6 seconden kraakt – bij te benen.

testauditt4testauditt5

Conclusie?

De TT is wel degelijk een return to form, en dan hebben we het niet alleen over de stilistische evolutie die het model ondergaan heeft. Grosso modo stuurt de derde generatie gewoon strakker dan de voorgaande, al komt dat iets te letterlijk tot uiting bij de geteste quattro-versie. Met zoveel mechanische grip wordt de TTS-motorisering bijna een must om het chassis tot leven te wekken, maar meteen ook een forse investering. Hou je het liever sober en licht, dan kan TT-rijden al vanaf 38.900 euro met een genietbare handbak tussen de voorstoelen.

AUDI TT 2.0 TFSI Quattro 230 (8S)

Plus Min
+ Hebbeding van jewelste – Quattro smeekt om pk’s

Weggecijferd

Motor 2.0 vier-in-lijn turbobenzine
Aandrijving 4×4
Transmissie 6-traps, automaat
Vermogen 230 pk (4.500 tpm)
Koppel 370 Nm (1.600 – 4.300 tpm)
Gewicht 1.310 kg
Acceleratie (0-100 km/h) 5,3 s
Topsnelheid 250 km/h
Gem. testverbruik 9,6 l/100 km
CO2-uitstoot 149 g/km
Vanafprijs 43.700 euro

Verdict

8 op 10