Share a little biographical information to fill out your profile. This may be shown publicly.

 

We sturen je per e-mail een wachtwoord toe. Soms komt deze e-mail in je spambox terecht.

In deel 1 van onze TechTalk werd uitgelegd hoe een band grip krijgt op de weg. Nu gaan we dieper in op het ontwerp van een band, de samenstelling van het rubber en het design van het loopvlak. Als uitsmijter delen we ook onze favoriete sites mee om je te helpen bij de juiste bandenkeuze!

Bandenfabrikanten besteden veel geld aan onderzoek naar de banden met de beste grip en een minimale rolweerstand en het liefst op alle ondergronden. De samenstelling van het rubber speelt hierbij een belangrijke rol. Kort door de bocht bestaat een band voor een derde uit rubber en voor een derde uit carbon black. Dat laatste is een soort roet dat het rubber steviger en slijtvast maakt. Voor de rest bestaat een band uit metaal en andere chemische verbindingen.

Carbon black zorgt voor een lagere hysterese en bijgevolg een langere levensduur. Siliciumdioxyde wordt tegenwoordig als vervanger voor carbon black gebruikt omdat het de rolweerstand vermindert, maar helaas ook de levensduur. De samenstelling van het rubber bepaalt de grip en manier van vervormen bij het rijden. Helaas is de chemie achter iedere band strikt vertrouwelijk en op het oog niet te zien. En zelfs al was die gekend, zou het te complex zijn om er de juiste conclusies uit te trekken.

Tread Pattern2

Het patroon van de groeven is wel zichtbaar. Ondanks de toegenomen complexiteit van de designs, geven we toch de functie van de belangrijkste groeven mee:

  • Langsgroeven: meestal zijn er drie tot vijf diepe groeven die rondom de band lopen. Dit zijn de diepste groeven en dienen om water van voor naar achter te leiden. In deze groeven wordt de wettelijke profieldiepte gecontroleerd. Het grootste verschil tussen een nieuwe en versleten band is de geringe diepte van deze groeven, waardoor de versleten band minder grip heeft op een nat wegdek. Soms worden geen langsgroeven maar V-vormige groeven gebruikt. Deze zijn net als langsgroeven bedoeld om het water snel af te leiden.
  • Dwarsgroeven: diepe groeven die van links naar rechts over de band lopen. Ze helpen de verhouding lege ruimte ten opzichte van rubber te verhogen en verhogen zo de grip op een nat wegdek. Door het verhogen van dwarse rubberranden helpen ze ook bij het accelereren en remmen op onverharde wegen. Om de wegligging in bochten niet te veel te compromitteren zijn deze groeven minder diep dan de langsgroeven en soms gekarteld.
  • Tie Bars: korte dwarsgroeven die meestal in de shouder van de band worden geplaatst. Ze staan tussen twee dwarsgroeven in om de beweging van de centrale blokken tegen te werken. Hierdoor wordt onregelmatige slijtage voorkomen.
  • Lamellen: kleine groeven in het rubberoppervlak. Deze groeven komen voor op winter- en allseasonbanden. De fijne groefjes zorgen voor extra grip op sneeuw, ijs en natte ondergrond. Tegenwoordig hebben ze een zigzagvorm om de grip nog verder te verhogen en bandenslijtage te reduceren. De laatste generatie 3D-sipes bouwen zelfs een onderdruk op tijdens het rollen en zuigen daarmee het water van onder de band.

De rubbersamenstelling en het loopvlakprofiel worden geoptimaliseerd voor ieder type band. Een zomerband zal een rubbersamenstelling hebben die niet te flexibel is bij hogere temperaturen om hoge slijtage te voorkomen – lees: een hogere glastemperatuur. Verder bevat hij meer langsgroeven om het water af te drijven, maar zijn de dwarsgroeven beperkt.

Winterbanden bevatten meer natuurlijk rubber om de band soepel te houden bij lage temperaturen (onder de +7°C) en het profiel bevat meer en diepere groeven. Uniek aan winterbanden – en allseasonbanden – zijn de lamellen. De fijne groefjes in langsrichting bevorderen de grip in bochten, terwijl die in dwarsrichting het remmen en accelereren verbeteren op sneeuw en ijs. Door de zachtere samenstelling en de extra groeven gaan winterbanden bovengemiddeld slijten bij zomerse temperaturen. Bovendien hebben ze ook minder grip op een droog wegdek door het hoge aantal groeven en bijgevolg minder rubber op de weg.

WintervsZomerBanden

De allseasonband zou de heilige graal kunnen zijn. Helaas is dit een compromis tussen een zomer- en winterband. We zouden ze voor de echte DRIVR’s niet aanraden. Ze zijn wel perfect geschikt voor een land als België waar we geen overdreven warme zomers en extreem koude winters hebben. In het algemeen is een allseasonband geschikt voor auto’s die niet meer dan 10.000km per jaar afleggen en dan vooral in de stad. Let bij de aankoop van een allseasonband op de aanwezigheid van het Alpine-symbool. Dit wijst erop dat de band is getest op winterse omstandigheden en officieel erkend is als winterband.

AlpineSymbool2

Hoe kan je nu als DRIVR de beste banden voor je auto kiezen? Simpelweg door op zoek te gaan naar testresultaten. Wij hebben alvast een aantal goede sites op een rijtje gezet:

  • TyreReviews: een Britse website die alles over autobanden opvolgt
  • TestAankoop: Belgische consumentenorganisatie
  • ANWB: Nederlandse pechverhelpingsdienst
  • ADAC: grootste autoclub van Duitsland
  • Duitstalige magazine’s: Auto Motor und Sport en Auto Zeitung bieden de resultaten van hun bandentests gratis aan op hun websites, auf Deutsch natürlich!

De band kiezen die het best bij je auto en rijgedrag past is niet makkelijk. En als het dan toch gelukt is, hou er dan rekening mee dat een budgetband op de juiste druk beter presteert dan een premiumband op de verkeerde!

Share Button