Share a little biographical information to fill out your profile. This may be shown publicly.

 

We sturen je per e-mail een wachtwoord toe. Soms komt deze e-mail in je spambox terecht.

Het Concours D’élégance van Amelia Island mag dan wel minder gekend zijn dan bijvoorbeeld Pebble Beach of Villa d’Este, het evenement weet toch telkens een mooie collectie rijdend erfgoed te verzamelen. Maar de meest interessante auto was misschien wel de Shelby Lone Star.

Een Ferrari 250/275 en een Duesenberg JS kaapten de ‘Best of Show’-award weg. Een speciaal voor de eerste Baja 1000 (toen nog de Mexican 1000 genaamd) gebouwde 4×4 buggy, met Steve McQueen aan het stuur, werd op het gras gereden door James Glickenhaus, die de wagen twee jaar na diens overwinning in de Baja van 1969 kocht. Opmerkelijk waren ook enkele hotrod creaties van de hand van Ed ‘Big Daddy’ Roth. Met de originele Mustang uit de film Bullitt, een collectie Lancia- en Porsche-racewagens in Martini-kleuren, F1- en Group C-auto’s en uiteraard de nodige exclusieve Ferrari’s en dito klassiekers van onder meer Rolls-Royce en Bentley, was er voor elk wat wils.

Shelby Lone Star

Terug na 40 jaar afwezigheid

Veruit de meest opmerkelijke verschijning, die meer dan 40 jaar verborgen gebleven is voor het publiek en waarvan zelfs ondergetekende nog nooit had gehoord, was de Shelby Lone Star. De historie van de Lone Star begint in 1966, als Carroll Shelby opdracht geeft om een vervanger uit te denken voor de Cobra 427, die toen net op de markt was. De Cobra was zeer succesvol op het circuit en tegelijk werkte Shelby American aan verbeteringen voor de GT40 én de Shelby Mustang, die in kampioenschappen als de Trans-Am uitkwam. Om het werk toch enigszins te verlichten werd J.W. Automotive Engineering ingeschakeld, waarmee Shelby samenwerkte voor de GT40.

Shelby Lone Star

Zowel de ingenieurs bij Shelby als die van JWAE, deden een voorstel. Shelby baseerde zich op de Cobra en koos voor de klassieke motor voorin met achterwielaandrijving configuratie. JWAE daarentegen, plaatste de motor in het midden en probeerde een GT40 voor de weg te creëren. Opmerkelijk genoeg koos Carroll Shelby voor dit voorstel en werd de bouw van een eerste concept goedgekeurd. Met een wielbasis van 2,35 m, zat de concept bijna pal tussen de Cobra met 2,28 m en de GT40 van 2,41 m. Het concept, initieel Cobra III gedoopt, kreeg pas later de naam Lone Star, naar de geboortestaat van Shelby, Texas. Shelby had niet langer de rechten op de naam Cobra, waarvan Ford eigenaar was.

Shelby Lone Star

De motor was een standaard 289 (4.7 l) V8, gekoppeld aan een ZF-vijfversnellingsbak. Het chassis was een mix van Cobra en GT40, het door Gomm Metalworking gebouwde koetswerk was van aluminium. In september 1967 werd de auto geleverd bij Shelby American, waar er volgens de documenten een Shelby 289 ingelepeld werd, hoewel het even waarschijnlijk is dat de reeds geïnstalleerde V8 een tuningbeurt kreeg. Na de noodzakelijke rijtesten, ging de Lone Star op transport naar Ford in Dearborn.

Shelby Lone Star

Geen geld van Ford

Korte tijd later kwam het prototype terug naar Texas, zonder goedkeuring van de Ford-bonzen. Volgens sommigen omdat de deurdrempels, waarin de brandstof werd opgeslagen, te breed waren voor een productiewagen. Anderen viseerden de nieuwe wetgeving van ’68 die het belastingvoordeel voor lage-productiefabrikanten terugschroefde. De meest voor de hand liggende reden is echter de prijs die moest betaald worden om de Lone Star op je oprit te kunnen parkeren. Shelby vroeg zo’n 15.000$, bijna evenveel als een Ford GT en bijna het dubbele van een Cobra 427!

Shelby Lone Star

Shelby nam de Lone Star in 1968 nog mee als concept naar de verschillende autosalons en zette hem op de cover van hun eigen catalogus, maar echte interesse om in productie te gaan, was er niet meer. Enige tijd later dook de Lone Star op in de advertentiepagina’s van Competition Press, waar de wagen te koop aangeboden werd met de gevleugelde woorden ‘For sale: Sex on wheels‘.

Restauratie en verbeteringen

De huidige eigenaar, een gekend Shelby verzamelaar, kocht de unieke Cobra in 1975. De linkervoorkant .werd beschadigd in een ongeluk, de reparatie gebeurde met klinknagels en dikke lagen plamuur, een echte restauratie liet decennia op zich wachten. Het was Geoff Howard van Accurate Restorations die de Cobra Lone Star onder handen nam. Een huzarenstuk, zou al snel blijken. Aangezien het om een prototype ging, dat nooit echt bedoeld was om mee te rijden, moest de auto niet alleen een volledige restauratie krijgen, maar werden ook de nodige aanpassingen voorzien.

Shelby Lone Star

De motor was op het chassis gelast, de ophanging kon alleen bereikt worden door de carrosserie, die vliegtuiggewijs met klinknagels was vastgemaakt, volledig te demonteren en om aan de bedrading van het dashboard te kunnen, moest de, op maat gemaakte, voorruit verwijderd worden. Schokdempers en remmen werden vervangen door hoogwaardige onderdelen uit de rekken van Shelby en brandstofcellen zorgen voor een betere veiligheid. De Lone Star veranderde van een statische concept in een rijdende publiekstrekker, zonder al te veel in te boeten aan originaliteit.

Ford GT40 Lola T70Ferrari P3

De gerestaureerde Shelby Lone Star werd vorige maand aan het publiek getoond op het Amelia Island Concours D’Elegance. De auto werd vergeleken met een GT40 of Lola T70, Geoff Howard ziet eerder gelijkenissen met de Ferrari P3/4. Dat Shelby met de Lone Star een andere designtaal volgde, is echter duidelijk zichtbaar.

[Foto’s: Deremer Studios]