Share a little biographical information to fill out your profile. This may be shown publicly.

 

We sturen je per e-mail een wachtwoord toe. Soms komt deze e-mail in je spambox terecht.

The Blue Train of “Le Train Bleu” was een luxueuze trein die tussen 1922 en 1938  de Britse jetset van Calais naar Cannes, Nice of Monaco vervoerde. Het was het toenmalige vervoersmiddel bij uitstek voor de welgestelde eilandbewoners om aan de koude Britse winters te ontsnappen. Tot een paar Britse avonturiers er een interessante octaanuitdaging in zagen.

Met de Light Six wilde Rover in 1929 de sportievere chauffeur binnenhalen. Dudley Noble, die werkzaam was bij Rover als testchauffeur, stelde voor om de auto te laten racen tegen The Blue Train. Menige gemotoriseerde voertuigen waren de strijd al aangegaan, maar weinigen waren succesvol. Noble had uitgerekend dat The Blue Train gemiddeld slechts 64 km/h reed als hij alle tussenstops meerekende. Tegenwoordig is die snelheid geen uitdaging meer, maar de infrastructuur was in 1930 allesbehalve op het niveau van nu. Noble vertrok met een Rover Light Six prototype vanuit St. Raphael aan de Franse Riviera en 1.200 km later stond hij in Calais. Hij had er dik 20 uur over gedaan en kwam 20 minuten voor de trein aan.

Weinig bekend is dat Rover de uitdaging als eerste aanging.

Bentley’s beurt

In maart van hetzelfde jaar 1930, zat Woolf Barnato, één van de Bentley Boys, in het Carlton hotel in Cannes gepikeerd te praten over de winst van de Rover Light Six. Barnato had het in moeilijke papieren verkerende Bentley enkele jaren eerder overgenomen en investeerde hard in de autosport. Niet zonder succes, want het Britse luxemerk werd vier opeenvolgende keren kampioen op de 24 uren van Le Mans. Hij kon het dan ook moeilijk verkroppen dat Rover zoveel publiciteit gehaald had met een simpele race tegen een trein. Diezelfde avond wedde hij voor £100 dat hij Engeland kon bereiken in zijn Bentley Speed Six nog voor The Blue Train Calais had bereikt. Niemand uit het gezelschap ging de weddenschap aan.

Maar Barnato had de weddenschap niet nodig. Voor hem stond het vast: Bentley zou The Blue Train met glans verslaan. De dag erna had hij de route al uitgestippeld en regelde hij brandstofwagens op de nodige locaties. Hij koos Dale Bourne, een bekende golfer, als copiloot. De man was er toevallig op vakantie. Diezelfde avond, toen de trein om 17u45 het station verliet, dronken Barnato en Dale hun glas leeg en vertrokken op hun trip richting Londen.

De Bentley van Bernato die in de Blue Train Race werd gebruikt [foto: Simon Davison]

Verbannen uit Frankrijk

Het duo kende onverwacht veel pech langs de route. Felle regenbuien, mist, een ontbrekende brandstofwagen in Auxerre en zelfs een platte band waren hun deel. Om half elf ’s morgens kwam de Bentley op zijn enige reservewiel aan in Boulogne. Van daaruit nam Bernato de boot naar Londen. Hij parkeerde zijn Bentley vooraan de Conservative Club in Londen vier minuten voor The Blue Train aankwam in Calais.

De race kreeg veel aandacht in de media en daardoor ook nog een staartje. De Franse Associatie van autofabrikanten kon niet lachen met een race op openbare wegen. Bentley kreeg een boete van £160 en erger, werd voor één jaar verbannen van de Parijse autoshow.

De Bentley die onlosmakelijk verbonden is met de Blue Train Race, maar allicht niet werd gebruikt.

Blue Train Special

Tijdens de race reed Barnato een Bentley Speed Six met een vierdeurs koets van H.J. Mulliner. Twee maand na de race liet Barnato een nieuwe Speed Six maken met een sportiever fastback koetswerk. Deze Sportsman Coupe variant werd door Barnato zelf de Blue Train Special genoemd. Daarna heerste er lang verwarring over welke auto de race precies had afgelegd, temeer omdat artiest artist Terence Cuneo de coupé had afgebeeld op het bekende schilderij.

Maar nadat de familie McCaw de Blue Train Special had gekocht, kwamen ze erachter dat de race niet met die wagen kon zijn afgelegd. De Special namelijk twee reservewielen maar geen koffer om de jerrycans met brandstof in te passen. Dus beslisten de McCaws om de motor en het chassis van Bernato’s Mulliner met het koetswerk van op het schilderij te verenigen, met deze Gurney Nutting Coupé tot gevolg. Technisch gezien een samenraapsel, maar historisch een uitermate interessante wagen die verhaalt van een unieke octaangeschiedenis die allicht nooit meer opnieuw te beleven valt.

Dankzij de McCaws is het chassis van de echte Blue Train-wagen nu verenigd met het koetswerk dat op het schilderij staat.