Share a little biographical information to fill out your profile. This may be shown publicly.

 

We sturen je per e-mail een wachtwoord toe. Soms komt deze e-mail in je spambox terecht.

Afgelopen zondag moesten we jammer genoeg afscheid nemen van een heel grote naam in de autosportwereld. Sir Stirling Moss, de beste piloot ter wereld die nooit wereldkampioen werd, overleed op 90-jarige leeftijd na een slepende ziekte. Geen betere plaats om deze ode aan Mister Goodwood te starten dan op het domein van Lord March zelf.

Tijdens mijn eerste bezoek aan het Goodwood Festival of Speed in 2015 kwam ik ogen en tijd tekort om alles te kunnen zien. Valentino Rossi die niet alleen op twee wielen maar ook aan het stuur van de legendarische Mazda 787B de hillclimb bedwong. Richard ‘The King’ Petty met zijn onafscheidelijke cowboyhoed en de Plymouth Superbird nr. 43, Colin McRae’s Ford Focus WRC, de Fiat S76 ‘Beast of Turin’ die voor het eerst in meer dan honderd jaar werd opgestart, Derek Bell die Jenson Button vervoerde op de flank van een Porsche 962C en ga zo maar door.

mercedes 300 SLR FOS

Het was dat jaar ook 60 jaar geleden dat Stirling Moss een absoluut record vestigde in de Mille Miglia aan het stuur van een Mercedes-Benz 300 SLR. Moss legde de bijna 1000 mijlen tussen Brescia en Rome af in 10 uur en 7 minuten, een record dat nooit verbeterd werd! Voor die gelegenheid had Stuttgart 7 van de 8 exemplaren naar Engeland gestuurd, waaronder het winnende voertuig met startnummer 722. Het was uiteraard Sir Moss die de anderen voorging op de heuvel.

sir stirling moss

Waar de legende begon

Het racen zat de familie Moss in het bloed. Stirling’s vader nam in 1924 deel aan de Indianapolis 500, zijn moeder reed voor WO2 hillclimbs. Zijn eerste successen behaalde hij echter met heel wat minder pk’s, op de rug van een paard! Net als zijn eveneens succesvolle zus Pat Moss, die furore maakte in het wereldkampioenschap rally met echtgenoot Erik Carlsson. Hij wist zijn vader te overtuigen niet in diens voetsporen te volgen als tandarts, en gebruikte zijn winsten in het paardencircuit om zijn eerste racewagen te kopen, een Cooper 500. Hij behaalde hiermee zijn eerste overwinningen in 1948, op het circuit van Goodwood.

sir stirling moss sir stirling moss

In 1950 eindigde hij eerste tijdens de RAC Tourist Trophy van Dundrod in Noord-Ierland aan het stuur van een geleende Jaguar XK120, een wedstrijd die hij nog zesmaal op zijn palmares wist te schrijven. Hiermee kon Stirling Moss zich ook internationaal op de kaart te zetten, wat zelfs de interesse wekte van Enzo Ferrari. Hij trok naar Puglia voor de Grand Prix Formule 2 van Bari maar moest daar vaststellen dat hij naast een zitje greep, ten voordele van Piero Taruffi. Zoals in die tijd gebruikelijk was, kwam Moss ook uit in andere disciplines. Zo won hij de Coupe d’Or in de Coupe des Alpes van 1952 tot 1954 en werd hij tweede in de Monte Carlo in ’52. In 1954 was hij ook de eerst niet-Amerikaan die de ereplaats won in de 12 Hours of Sebring.

Formule 1

1954 was ook het jaar dat Stirling Moss zijn overstap maakte naar de Formule 1. Met zijn Maserati 250F wist hij zich regelmatig te kwalificeren naast de groten uit die tijd, Juan Manuel Fangio en Alberto Ascari, die hij tijdens de GP van Italië achter zich liet. De Maserati was echter onbetrouwbaar en hij moest opgeven door motorproblemen. Zijn eerste F1 overwinning kreeg hij te pakken in Oulton Park, maar die werd buiten het kampioenschap gereden.

sir stirling moss

Alfred Neubauer, teambaas bij Mercedes, was echter overtuigd en bood hem een contract aan voor het seizoen van ’55, naast zijn mentor en grootste rivaal Fangio. Die wist hij op eigen terrein te verslagen tijden de Britse Grand Prix, hoewel hij ervan overtuigd was dat Fangio hem de eer liet. Het kampioenschap van 1955 liep over slechts 7 races en werd overschaduwd door tragedies. Alberto Ascari kon ternauwernood uit het water gered worden tijdens een crash in Monaco maar kwam vier dagen later om het leven tijdens testritten in Monza.

sir stirling moss

Slechts enkele weken later was er de crash in Le Mans waarbij de Mercedes van Moss’ teamgenoot Pierre Levegh in het publiek terechtkwam en 84 mensen, waaronder Levegh zelf, de dood vonden. De wedstrijdleiding besliste om de koers niet stil te leggen omdat ze bang waren dat de de hulpdiensten geblokkeerd zouden worden door het massaal vertrekkende publiek. De piloten wisten niet hoe groot het drama was en onder andere Stirling Moss bleef aan hoge snelheid verder racen.

sir stirling moss

Rond middernacht besliste de directie bij Mercedes uit de wedstrijd te stappen, Mike Hawthorn, die bij het ongeluk betrokken was, won in een Jaguar D-Type. Deze ramp betekende meteen ook het einde van Mercedes in de racerij, pas in 2010 zou er opnieuw een fabrieksteam aan de start verschijnen.

Mille Miglia

Stirling Moss moest dan wel het F1 kampioenschap aan Fangio laten, in Brescia én Sicilië kon niemand aan hem tippen. Op 1 mei 1955 om 7u22, meteen ook het startnummer op de Mercedes 300 SLR, vertrok Stirling Moss, met journalist Denis Jenkinson als navigator aan de start van wat als één van zijn meest legendarische races bekend staat. Met een gemiddelde snelheid van net geen 100 mijl per uur en dankzij de pace notes van Jenkinson, kon het duo de totale afstand van 992 mijlen of net geen 1600 km afleggen in 10 uur en 7 minuten. Teamgenoot Fangio eindigde tweede op ruim 30 minuten.

sir stirling moss

Het World Sportscars Championship werd afgesloten met de Targa Florio, 935 bochtige kilometers in de heuvels van Sicilië. De piloten, twee per wagen, reden afwisselend rondjes op het 70 kilometer lange circuit met amper veiligheidsvoorzieningen en publiek dat soms gewoon op de baan stond. In ronde vier kwam Moss terecht in een sloot maar wist hij de SLR terug aan de praat te krijgen en kon hij zijn race verderzetten.

sir stirling moss

De Mercedes was zwaar beschadigd maar hield vol. Ook de tweede piloot, Peter Collins, crashte, ditmaal op een muur met beide voorwielen in de lucht. Zowel Moss als Collins bleven alles geven en arriveerden als eersten aan de finish, opnieuw voor Fangio. Zoals Collins het later zou verwoorden: “ondanks alle pogingen van Moss en mezelf om de auto af te schrijven”.

Voorlopig einde…

Na het vertrek van Mercedes uit de F1, moest Stirling Moss op zoek naar een nieuw team. Terwijl voormalig teamgenoot voor Ferrari koos, zocht Moss zijn geluk bij Maserati voor het kampioenschap van 1956. Het was echter de Italiaan die de titel voor de derde keer op rij binnenhaalde. In 1957 en ’58 koos Moss voor het onbekende Vanwall, die hij in ’58 wel de constructeurstitel kon schenken maar het wereldkampioenschap bleef buiten bereik.

Vanwall trok zich na de dood van onder andere Mike Hawthorn terug en Moss stapte over naar Cooper-Climax waarmee hij zijn eerste successen beleefde. Toch lukte het hem niet die eerste plaats te verzilveren. Dat lukte wel in het lange-afstandsracen, met drie opeenvolgende eerste plaatsen in de 1000km van de Nürburgring

sir stirling moss

Na een derde plaats bij Lotus-Climax in 1961 zou Stirling bij Ferrari gaan racen. Enkele weken voor de start van het seizoen had hij een zware crash tijdens de Glover Trophy in Goodwood. Hij lag een maand in coma en het duurde zes maanden voor hij de volledige controle over de linkerzijde van zijn lichaam terugkreeg. Het jaar daarop kondigde hij het einde van zijn carrière aan. Naar eigen zeggen lukte het hem niet meer om tegelijk heel hard te gaan, alle wijzers van zijn auto te controleren, de bochten perfect in te snijden en intussen te zwaaien naar dat lekkere ding in het publiek!

…maar toch niet helemaal

Stirling ging aan de slag bij ABC als autosportcommentator en voor diegenen met jonge kinderen, ook als verteller in de originele versie van Roary de racewagen! Toch zegde hij het racen niet volledig vaarwel. Hij maakte zijn opwachting in verschillende races en rally’s en ging regelmatig in op uitnodigingen van teams. Zo nam hij in 1976 deel aan de Bathurst 1000 met Jack Brabham en de 1979 Benson & Hedges 500 in Nieuw-Zeeland in een Golf GTi. In 1980, op 51-jarige leeftijd, trok hij naar het BTCC in een Audi 80 GLE, onder de vlag van Tom Walkinshaw Racing. Inderdaad, het team dat Le Mans won met de machtige Silk Cut Jaguar XJR-9.

sir stirling moss

Bij historische races was Moss een graag geziene gast, waarbij hij niet alleen zijn eigen OSCA FS 372 goed de sporen gaf, maar ook racete in auto’s van andere eigenaars. Tijdens de Le Mans Legends in 2011 kondigde Stirling Moss aan dat het nu toch echt wel definitief gedaan was met racen. De meeste van zijn leeftijdsgenoten reden toen enkel nog met een mobility scooter.

sir stirling mosssir stirling moss

Met 212 overwinningen in 529 deelnames in zowat alle disciplines en in auto’s van meer dan 80 verschillende merken hoefde hij zichzelf al lang niet meer te bewijzen. Het laatste woord laat ik aan Charles Gordon-Lennox in zijn toespraak naar aanleiding van de 90ste verjaardag van deze grote meneer. Godspeed is hierbij meer dan toepasselijk, lijkt me!

MEER LEZEN

Docu op Zondag: Racing Legend Stirling Moss (1929 – 2020)

Kies maar: AM CC100, Aventador J of Stirling Moss?

Goodwood Revival 2019: The Best Just Got Better